Uitgelicht

Even de neus poederen

Powder Room -Calle

De deur met opschrift ‘powder room’ had ik al gespot in de lounge van hotel Fort Bazaar. Het hotel bevindt zich in een 17de eeuws koloniaal pand in het vestingstadje Galle in Sri Lanka. Natuurlijk ken ik de uitdrukking ‘de neus poederen’ als aankondiging voor wc-gebruik. Maar in deze historische omgeving dacht ik bij powder room aan de pruikentijd en nog eerder aan ‘gunpowder’ en een buskruitmagazijn, dan aan een wc.

Snuifje

In een van mijn blogs voerde ik al keer mijn oud-collega David op, die altijd zei: ‘Even mijn neus poederen’, als hij tijdens een vergadering opteerde voor een plaspauze. Daarmee speelde hij leentjebuur bij de dames, en maakte hij ook nog eens een knipoog naar een snuifje witte poeder. Ik verbaasde me er altijd over dat hij het kennelijk minder erg vond als collega’s zich afvroegen welke poederdoos hij gebruikte, dan dat ze meekregen dat hij even plassen was. Toch een raar ding.

Verbloemen

Waarom zeggen we niet gewoon waar het op staat? Waarom gebruiken we eufemismen en vragen we zo omfloerst naar de wc? Eigenlijk zijn er twee redenen: uit fijngevoeligheid om gevoelens van anderen te sparen, of om iets niet bij de naam te noemen uit schaamte of taboe. Het is gek dat uitdrukkingen, zoals ‘de neus poederen, de handen wassen, powder room, bathroom, restroom, Gents and Ladies’ niet bij de naam noemen waar het om draait, tegelijkertijd weet iedereen exact waar het over gaat. We verbloemen en maken het mooier, of verhullen en besparen details. Of we verzachten: maken het lieflijker, kleiner, zodat niemand aanstoot neemt. Ja, aan wat eigenlijk? Aan iets wat zo menselijk en niemand vreemd is?

Kingsize

Toen ik een hotelbediende in livrei vroeg naar de bathroom, vertelde die dat de powder room momenteel buiten bedrijf was. Hij verwees me de trap op naar de ‘restroom upstairs’ in een van de eerste hotelkamers. Uiteindelijk belandde ik in een kamer met een kingsize bed. Even overwoog ik nog om de benaming ‘restroom’ letterlijk te nemen. In de aangrenzende badkamer, die eveneens kingsize was, trof ik een riant bad, twee wastafels, een bidet, en gelukkig in een verre hoek een toilet.

Handen wassen

Restroom, bathroom, powder room; eigenlijk gaat het niemand wat aan wat ik daar uitspook. Hoewel ik u best wil vertellen dat ik het er van genomen heb. Ik heb wat uitgerust, nog overwogen een bad te nemen, beide wastafels gebruikt om mijn handen te wassen – want dat kan je tegenwoordig niet vaak genoeg doen. Helaas ontbrak de poeder. Dat was dan wel weer jammer.

Uitgelicht

De perfect vormgegeven wc

Er bestaat zoiets als de perfecte vorm. Neem bijvoorbeeld de lepel en het papieren boek. Die kunnen niet anders zijn dan ze zijn. Je merkt het onmiddellijk als vormgevers er aan hebben zitten fröbelen, dan gaat het mis. Denk aan een vierkante lepel of een rond boek of – om in de branche te blijven van mijn blog – een vierkante pot-wc. Dat werkt niet. Niet doen!

Wegontwerpen

Perfectie heeft vaak een vanzelfsprekendheid. Niemand die er nog aan denkt dat er ooit iemand is geweest die het heeft ontworpen. Laatst las ik Friso Kramer over zijn revolt-stoel. Volgens hem ‘zo ontworpen dat je er geen last van hebt. Niks waaraan je je kunt bezeren, niks wat je belemmert in je bewegingen. (…) Mensen moeten zo’n stoel vergeten en gewoon gelukkig kunnen zijn’, aldus de ontwerper. Kramer verzon het werkwoord ‘wegontwerpen’ voor zijn werkwijze.

(Her)gebruik

In het ontwerp van de wc op de foto is absoluut geen sprake van ‘wegontwerpen’. Integendeel, het ontwerp is uitbundig. De hand van de ontwerper is er beslist in te herkennen. Niet op de laatste plaats door het creatieve (her)gebruik van materiaal, vorm en kleur. Soms is ‘minder meer’, in dit geval is het juist een kwestie van meer, meer, meer.

Gele hesjes

En als hier al is geprobeerd om iets weg te werken, dan is het de op het Franse platteland alomaanwezige hurk-wc. Het paradoxale is echter dat in het beeld alle aandacht er juist naartoe wordt getrokken. De oranje-witte pion in combinatie met de houten zitting schreeuwt als een statement van de ‘gele hesjes’. Zoals de protestbeweging het gele hesje tot symbool van hun verzet maakten, zo is hier de oranje-wit gestreepte pion ingezet. Het kegelvormige attribuut dat normaalgesproken wordt gebruikt voor wegafzettingen, wijst nu als een flink uitroepteken op het Franse gat. Alsof het wil zeggen: Weg er mee! 

Maar misschien vul ik te veel in…

Meer zien, horen en voelen

In haar essay Against Interpretatie bekritiseert Susan Sontag de tendens dat kunst te veel op basis van intellectuele interpretatie beoordeeld wordt. Volgens haar zoeken we bij kunst te snel naar inhoud en betekenis wat ten koste gaat van de directe ervaring die het werk bij de toeschouwer teweegbrengt. Sontag pleit voor herstel van onze zintuigen. ‘We moeten leren meer te zien, meer te horen, meer te voelen’. Mijn ervaring met deze kunstige toilet beperkt zich helaas nu nog tot kijken, hopelijk zetten de gele hesjes de oranje-witte pionnen vaker in en breiden mijn ervaringen zich uit tot horen en voelen.

Met dank aan het scherpe oog van André Bakker.

Uitgelicht

Op bezoek bij een Amsterdamse jonkheer

Delfts blauwe wc pot

Het fotograferen van een toilet is helemaal nog niet zo gemakkelijk. Neem bovenstaande toilet: zo plat mogelijk tegen de tegeltjeswand gedrukt is het me dan toch gelukt om de pot op de plaat te krijgen. Wel de goedkope witte plastic toiletborstelhouder nog even uit beeld geschoven.

Bloemen

Vermoedelijk is de Delfts blauwe pot uit eind 19de eeuw. Welgestelden installeerden als eersten een watercloset. Het design moest kloppen met de omgeving, vandaar de rijke bloemendecoratie op de pot.
Op het gevaar af dat ik nooit meer het huis mag bezoeken, verklap ik u waar ik dit fraaie exemplaar aantrof. Dat was in het huis van de familie Six aan de Amsterdamse Amstel.

Topstukken

De wc-pot is maar bijvangst. In dit huis gaat het om de schilderijencollectie met een Frans Hals, Pieter Saenredam, Gerard ter Borch, Paulus Potter en natuurlijk de twee topstukken van Rembrandt.

Moeder en zoon

Anna WijkerHier hangt het mooie portret van Jan Six I (1654) en er tegenover dat van Anna Wijmer. Rembrandt portretteerde zowel moeder als zoon. De verschillen tussen de twee zijn bijzonder. Moeder Anna – hoogstwaarschijnlijk in opdracht – schilderde hij fijn en gedetailleerd. Daarentegen zette Rembrandt als een impressionist avant la lettre zijn vriend Jan op het doek. Toch lijkt het portret van Jan – vreemd genoeg –  levensechter dan dat van zijn moeder.

Jan Six RembrandtIntiem

Misschien komt dat doordat Rembrandt ons een inkijkje geeft in het allerdaagse leven van zijn vriend. Het is een intiem portret, en net alsof we Jan Six betrappen terwijl hij op het punt staat de deur uit te gaan en nog even zijn handschoenen aantrekt.

Vingerafdruk

De gouden biezen op de rode mantel bracht Rembrandt aan met een veeg van zijn duim in de verf. Letterlijk zette hij zijn vingerafdrukken op het schilderij. Je voelt bijna de beweging op het doek. Zo dicht ben ik nog nooit bij de grote schilder geweest.

Tip voor de jonkheer

pleeborstel bij Six Toch nog een tip voor de huidige jonkheer. Met al die prachtige doeken aan de muren moet er toch wel een nieuwe wc-borstelhouder van af kunnen. Dit plastic exemplaar kan echt niet hoor.

Uitgelicht

Top 5 meest bijzondere wc’s van 2019


MIjn top 5 bijzondere wc

Was 2019 een goed wc-jaar? In z’n algemeenheid schiet het nog steeds niet op met het aantal openbare toiletten in Nederland. Amsterdam heeft er weliswaar 74 toiletten bij vergeleken met 2018. Toch is de hoofdstad slechts één plek gestegen: van 16 naar 15. Dat komt omdat de norm – op iedere 500 meter een openbaar toilet – nog steeds niet gehaald wordt. 

Als toiletblogger vond ik de diefstal van de gouden wc-pot van Maurizio Cattelan – de kunstenaar van de banaan met ducttape – spraakmakend. Opvallend was de enorme interesse van mijn lezers voor het composttoilet. Ook blijft bijzonder hoe vaak mijn drie jaar oude blog ‘WC-etiquette rond het kerstdiner’ is gelezen. Hoe moeten we dat duiden? Een behoefte aan regels? Houvast in moeilijke tijden?

Al met al bood de wereld rond het toilet wederom veel stof voor mijn bespiegelingen en schrijfplezier. Graag deel ik mijn top 5 met u.

Nummer 1. De toiletgalerie

Galerie FenixDe mooiste wc die ik dit jaar ben tegengekomen is ook nog eens een kleine galerie. Mijn zwager Taeke Kuipers geeft ‘verweesde’ schilderijen een nieuw leven en een nieuw thuis. In kringloopwinkels, Franse bric-à-brac zoekt en vindt hij kunstwerken. Hij maakt ze schoon, probeert de herkomst te achterhalen en zet ze in een mooie lijst. Onder de naam Fenix Art brengt hij ze opnieuw onder de aandacht. Zijn kleine vondsten hangen zelfs op het toilet, wachtend op een tweede leven.

Nummer 2. De Franse camping-wc

Franse campgingDe Franse wc kan natuurlijk niet ontbreken in mijn top 5. Deze stuurde mijn broer. Wat kunnen we er nog meer over zeggen? Je vraagt je toch af of het wel lekker zit bij die Fransen. 


Nummer 3. De tandenborstelhouder

Deze tandenborstelhouder in Delfts blauw vond ik toen ik op zoek was naar blauwe wc’s. Ja, dat heb ik dan weer. Wist u dat er spaarpotten, speeldozen en asbakken zijn in de vorm van een wc-pot? Als er ooit iemand op het idee komt mij er een cadeau te doen, kan ik u nu al vertellen: ik laat ‘m spontaan uit mijn handen vallen.

Nummer 4. De vrije natuur 

Natuur wcTerug naar de natuur, naar de eenvoud: het lijkt een tendens. Het eerlijke leven. Deze romantische wc is te vinden in Portugal. Althans hypothetisch, want in de praktijk wil de eigenaar van deze landelijk gelegen rustieke toilet helemaal niet gevonden worden.

Nummer 5. Broken dreams

Gebroken potDaar was een dame uit Rotterdam die haar 19de eeuwse wc-pot wilde verzilveren. Ze hoopte op een extra centje voor haar oude dag. Dus liet ze haar pot taxeren in het museum. Net voor dat ze bij de taxateur aankwam, viel de pot in diggelen. Ja, zei de taxateur: was deze pot nog heel geweest dan had hij echt wel wat opgeleverd.
Stelt u zich voor, heel haar leven had ze op haar oudedagvoorziening gezeten. En nu waren er slechts nog de scherven die haar geluk moesten brengen. 

Wie meer wil weten over het kerstdiner en wc-etiquette lees mijn blog. 

Uitgelicht

Venetië opent onze ogen

Toilet of geen toilet. Venetië opent ogenHet is niet wat u denkt dat het is. Een bezoek aan de Biënnale 2019 gidst je door Venetië en opent je ogen voor alle tranentrekkende schoonheid. Zelfs het verval is hier aantrekkelijk.

Vergane glorie, vervallen Palazzo’s, afbladderende muren, een stapel afgedankte oude stoelen. Alles is hier mooi.

Afgedankte stoelen conservatorium Venetië

 

Vier jaar geleden bezocht ik Venetië, een dag nadat ik gehoord had dat ik mijn baan kwijt raakte. Dit keer was ik in Venetië in rouw. Recent verloor ik mijn moeder en een dierbare vriend. Maar hier volledig omringd door schoonheid doet wonderen. Ook al ben je ongelukkig, triest of pieker je je suf, in Venetie is het niet erg om wakker te liggen.

 

Biënnale 2019 Venetië opent ogen

Opnieuw opent Venetië nu onze ogen. Niet alleen voor alle schoonheid, ook voor het belang van het behoud ervan. De noodtoestand is aangekondigd.
De klimaatverandering doet de zeespiegel stijgen en de stad zinkt steeds verder. Alle tekens wijzen op rood. Is het tij nog te keren? Natuurlijk alles is vergankelijk, maar niet Venetië. Alsjeblieft niet.

In het Conservatorium hangt werk van de Iraanse Mitra Farahani. Het is een trompe l’oeil waarop in goud een uitspraak van Elias Canneti staat geschreven: ‘On n’est jamais suffisement triste pour que le monde soit meilleur’.
Het handschrift is van Jean Luc Godard. De tekst vertaald in het Nederlands: We zijn nooit verdrietig genoeg om de wereld te verbeteren.
Het is een pleidooi voor hoop. Wellicht moet het water eerst tot aan onze lippen staan, om tot het besef te komen dat er nu écht iets moet gebeuren om Venetië en de rest van de wereld te redden.

Uitgelicht

Op zoek naar de gouden pot

Gouden wc-pot Callelan

U voelt hem al aan komen. Vorige week is de gouden wc-pot van de Italiaan Maurizio Cattelan gestolen uit Blenheim Palace. Het kunstwerk stond pas twee dagen tentoongesteld in het 18de eeuwse Britse paleis waar Winston Churchill werd geboren.

Naast de pot

U begrijpt als toiletblogger verheugde ik me enorm op een bezoek aan deze massief 18-karaats toilet. Dat stond al zo lang op mijn bucketlist. Vorig jaar bezocht ik speciaal het Guggenheim Museum in New York om 3 minuten op die gouden pot te mogen zitten. Maar wat bleek, twee dagen daarvoor was het toilet weggehaald. De pot ging op tournee. En nu is het kunstwerk America opnieuw verdwenen, voorgoed lijkt het, want de pot van 103 kilo goud is wat waard. Met mijn ticket al op zak, begrijpt u mijn teleurstelling. Voor een tweede keer vis ik achter het net, of beter gezegd, pis ik naast de pot.

America

Cattelans werk is niet het eerste sanitair in een museum. Zijn gouden wc wordt ook wel vergeleken met de omgekeerde pisbak waarmee Marcel Duchamp de definitie van kunst in 1917 op zijn kop zette. Cattelan zelf noemt zijn werk een commentaar op de kunstwereld en haar obsessie met het grote geld. Met de naam ‘America’ verwijst Cattelan naar het land van Donald Trump met zijn belofte van gelijke kansen voor iedereen, maar een realiteit van gapend grote verschillen. Saillant detail is dat Trump bij zijn aantreden aan het Guggenheim Museum vroeg om een schilderij van Vincent van Gogh in bruikleen, maar dat verzoek werd afgewezen. In plaats daarvan bood het museum Trump de gouden wc-pot van Cattelan aan.

Amsterdam-Noord

Dat laatste brengt me op een briljant idee. Waarom geen America #2 in Amsterdam. Aan de Zuidas, of beter nog, in Noord. Recent stelde Rob Post, voorzitter van de Veban, de ondernemersvereniging van Amsterdam-Noord, voor om het Van Gogh Museum naar Noord te verhuizen. Dat deel van Amsterdam kan best wat meer toerisme gebruiken, en het ontlast daarmee ook nog eens het centrum. Niet de Zuidas, maar het Buikslotermeerplein moet een iconische trekpleister krijgen, aldus de ondernemers van Noord. Waarom dan geen gouden pot van Cattelan? Na America first, Amsterdam-Noord second. Geheid een succes. Vergeet dat Van Gogh Museum, laat dat maar aan de Zuidas.

Unieke ervaring

Okee, het is een flinke investering, maar die haal je er wel uit met zo’n publiekstrekker. En wie twijfelt omdat het niet gaat om het originele kunstwerk. Ook de pissoirs van Marcel Duchamp doken op in bosjes, daar waren er later ook heel wat van in omloop. Geen punt. Tenslotte gaat het om het concept en de unieke ervaring om eens in je leven op een gouden pot te hebben gezeten.

Ik popel nu al. In ieder geval hou ik me aanbevolen voor een vrijkaartje, meneer Post. Ik kijk uit naar het moment dat ik even mag verpozen op de gouden pot. Ik wil wel wat tijd om een selfie te maken.

Lees ook mijn blog l’urinoir c’est de l’art en Over mijn blogs.

Uitgelicht

Met het poep- en piesmenuet in mijn hoofd

Manneke Pies

Geregeld overweeg ik om te stoppen met mijn toiletblogs. Dan denk ik: ze zullen wel denken, daar heb je hem weer met z’n wc’s. Natuurlijk wil ik niet te veel geassocieerd worden met verhalen over poep en pis en niet bestempeld worden als dat manneke pis of poep, en zeker niet als pisnicht. Ook als Lord B. moet ik aan mijn (bij)naam denken. Een moment later denk ik: schijt, ik doe mijn eigen ding. Wat kan het mij allemaal bommen.

Bovendien is het ook nog eens zo dat het toilet slechts een kapstok is om over van alles en nog wat te schrijven, en altijd hou ik het poep- en piesmenuet van Hans Dorrestijn in gedachten. Dat lied op muziek van Harry Bannink uit de Stratenmakeropzeeshow luidt als volgt:

He, de woorden poep en pies. Die zijn niet netjes, die zijn vies. Je moet die woorden niet gebruiken, anders ga je d’r naar ruiken.

Zeg rustig hardop siep en soep, maar zeg nooit meer pies en poep. En hoe lollig ze ook klinken. Je kan er best es naar gaan stinken. Nee, de woorden poep en pies zijn erg onnet en erg vies.

En terwijl ik die laatste zin neerpen, moet ik opeens aan mijn moeder denken en aan alles wat ik van haar heb geleerd. Zo jammer dat ze nooit meer mijn blogs heeft kunnen lezen. Ze had er vast en zeker om moeten grinniken. Ze zou hebben gezegd: jij bent geen goede prater, jij kan het beter opschrijven dan er over vertellen. En opeens mis ik haar enorm.

Dus – met mijn moeder in gedachten – ga ik nog even door met mijn blogs. Dan maar een pisnicht.

Uitgelicht

Parijse avonturen en oh là là momentjes

Brigitte Macron, echtgenote van de Franse president is populair – zo werd laatst verklaard – omdat de Fransen niet houden van clichématige stellen die in Hollywoodfilms samen eindigen. Frankrijk is het land van ‘oh là là’, van de afwijkende, gedurfde en experimentele liefdes. Nu vraagt u zich waarschijnlijk af, waar gaat dit verhaal naar toe. En inderdaad, precies wat u vermoedt: naar de Fransen, hun wc’s en oh là là momentjes.

Het weekend voordat de Notre-Dame in brand ging, was ik in Parijs. Precies twee jaar geleden kwam ik op het Franse platteland zoveel rare wc-exemplaren tegen en dat vormde de aanleiding voor mijn toiletblogs. Nu weet ik wel dat Parijs geen platteland is, toch hoopte ik op inspiratie. Zo bezocht ik café de Flore waar Jean-Paul Satre en Simone de Beauvoir vaste bezoekers waren. In mijn jeugd speelde ik hen na, gewapend met een opschrijfboekje en een pakje gauloises. De wc viel er tegen, ik kan er geen verhaal van maken en moest er nog voor betalen ook.

Later die dag trof ik een bijzonder 19de eeuws exemplaar aan achter een winkelruit. Toch typisch Frans om je oude spullen zo in de etalage te zetten.
Maar eerlijk is eerlijk, ik moet constateren dat het in Parijs qua wc’s goed geregeld is. Naast de vele publieke toiletten, is binnenlopen in een café of restaurant om naar de wc te gaan, ook als je geen klant bent, geen probleem. Wat dat betreft is Parijs een echte wereldstad.

Op vrijdag lunchte ik nog met uitzicht op de toren van de Notre-Dame. Even overwoog ik P. voor te stellen de kerktoren te beklimmen, maar mijn lief lijdt aan engtevrees. Dus dat ging hem niet worden. Nu niet en later ook niet, want de maandag daarop ging de fik er in.
Enfin, toen ik de wc bezocht van dat restaurant met uitzicht op de toren, besefte ik nog eens goed hoe oeroud Parijs is. De wc bevond zich – zoals op veel plekken in Parijs – in de kelder onder de middeleeuwse gewelven en tussen eeuwenoude muren.

Een dag later bezocht ik een restaurant in de Marais en liep ik in hoge nood automatisch een trap af richting de kelder waar ik de wc vermoedde. Een jongen van pakweg 16 volgde me, dus ik dacht: dat zit wel goed. Beneden bevond rechts de keuken en uiterst links een deur met een bordje ‘private’. Voor me was een wand met deuren en daartegenover eveneens, maar niets daarvan wees op een toilet. De jongen naast me opende kordaat een van de deuren. Ik volgde zijn voorbeeld. De mijne bleek een bezemkast. Ik opende er nog een: ook een opbergkast, een volgende was gesloten. De jongen opende ook nog een deur, maar kwam vermoedelijk niet veel verder. Op dat moment dook er een kok op uit de keuken. Hij riep iets in het Frans en wees naar aan de andere kant. Beiden keerden we ons om. Ik ontwaarde – en hij waarschijnlijk tegelijkertijd – een H en een F. De verlossing was nabij.

Even later toen ik de trap op liep en de middeleeuwse kelder achter me liet, moest ik denken aan het oude Friese gezegde: ‘Wordt de ene deur voor je gesloten, dan gaat de andere weer voor je open’.

En nu denkt u natuurlijk, waar blijft dat Parijse oh là là momentje. Nee, Brigitte Macron kwam niet net uit de dames-wc en haar man was ook niet van de partij, ook het avontuur met die 16-jarige jongen hield daar op. Boven zat mijn lief te wachten met een schotel fruits de mer en een fles chablis. Dat was al opwinding en feest genoeg.

Lees ook mijn avonturen in Italië: Dov’è il bagno a Torino, ofwel tot het gaatje in Turijn en Italiaanse toestanden .


Uitgelicht

Italiaanse toestanden

Rokende heer me pijp

Het duurde even voordat ik door had dat ‘signori’ en ‘signore’ het meervoud is van ‘signor ‘ en ‘signora’. Gelukkig stonden er tekeningetjes bij. Waar die niet goed voor zijn, dacht ik nog toen ik later die dag in een restaurant zocht naar de juiste deur.

Die aanwijzingen helpen je wel op weg, ook al zijn ze niet meer van deze tijd – zoals hierboven de rokende heer met pijp of het Brigitte Bardot-typetje hieronder.

‘Es ist für gleiche seite’, zei de eigenaresse van het restaurant en ze wees naar een deur waar ‘Toilette’ op stond. Het klonk Duits, toch moest ik er even over nadenken. Mijn talenknobbel werd hier in Toscane flink op de proef gesteld. Italiaans, soms Engels en zelfs af en toe Frans, en nu weer Duits. Het viel niet altijd mee om de vertaalslag te maken.

Die ochtend vertelde de gastvrouw van onze B&B dat ze ‘wiet’ verbouwde. Wat zijn dat nu voor moderne Italiaanse toestanden, het moet niet gekker worden, dacht ik nog. Toen ze verduidelijkte dat het voor de pasta was, begreep ik dat ze het anders bedoelde.

En nu werd ik aangesproken in het Duits. Gelijke zijden? Voor en achter? Van dezelfde kant? En toen viel opeens het kwartje. Ze bedoelde natuurlijk beide geslachten, ofwel genderneutraal. Hoe simpel kan het zijn.

Even droomde ik weg naar Amsterdam en in gedachten zong ik zachtjes mee met Herman van Veen.

Ach zo’n café. Het café met een lage zoldering en geen WC voor dames apart.
Ach, zo’n café. Het café spoedig een herinnering zonder TV, een piano alleen.
Verboden door de wet, met z’n rommelig buffet, z’n pilsjes en z’n pret. En z’n scheve biljart.

Uitgelicht

Groen denken versus groen doen

Groene wc

Het merendeel van de Nederlanders blijkt zich wel degelijk zorgen te maken over de klimaatverandering, maar een klein deel wil ook echt een bijdrage leveren aan het milieu. Ofwel groen denken is weer wat anders dan groen doen. Auto’s, vliegreizen, vleesconsumptie, elektronische gadgets, gebotteld water: zijn meestal de eerste zaken die worden genoemd als het gaat over het verkleinen van onze ecologische voetafdruk. Maar eigenlijk voltrekt één van de grootste milieurampen zich op de plek waar we dagelijks bovenop zitten: de wc.

Toen ik vorig najaar door het Groningse landschap wandelde, langs eeuwenoude dorpen en over eeuwenoude essen dacht ik: er kan meer, veel meer. Want de hoger gelegen landbouwgronden buiten de dorpen zijn ontstaan door eeuwenlange ophoping van menselijke mest. De haast zwarte gronden blijken ook nog eens uitermate vruchtbaar. De grote vraag drong zich op waarom wij onze poep niet inzetten voor het milieu en als mest gebruiken voor de bloemen- en groententuin.

Hoeveel geld spoelen we weg door het toilet?

Eigenlijk was het oude tonnensysteem waarbij poep opgehaald werd of de gierkelder waarin het verzameld werd, veel beter voor het milieu. Want de poep werd hergebruikt. Hoeveel geld spoelen we nu niet weg door de wc? Waarom doen we niet net zoals vroeger? Dat betekent wel dat eerst onze poep moet worden gecomposteerd – minstens een jaar lang – in verband met het risico op ziekten, bacteriën en wormen, daarna pas kan het als mest gebruikt worden. Maar er zijn zelfs speciale composttoiletten in de handel om menselijke uitwerpselen te composteren. Zo’n toilet heeft geen water nodig en produceert geen stank, maar vraagt wel een extra handeling van de gebruiker. Elke grote boodschap moet worden afgedekt met een paar papieren handdoekjes en vervolgens met een platte ronde stamper worden aangedrukt. De inhoud van het toilet ziet er dan ook uit als een groot pakket papier-maché.

Zelfvoorzienend

Terug uit Groningen bleef het me bezig houden. Nog lang sudderde ik na op het idee om zelfvoorzienend te zijn qua plantenmest en bij te dragen aan een groene en duurzame wereld. Ik wilde er niet alleen over denken, ik wilde ook groen doen. Thuis heb ik de composttoilet in de groep gegooid. Maar huisgenoot P. – zowel een denker als een doener – was niet enthousiast, te lastig om een composttoilet te realiseren in hartje binnenstad. Ik liet het plan varen.

Maar nu telkens als ik weer op mijn spoeltoilet zit, denk ik: daar gaat weer een stukje groen.

Uitgelicht

Met muziek de pot op

pot met gitaarbril

Als je je bedenkt dat we per week zo’n 50 minuten op het toilet zitten. Dat is 43 uur per jaar en in totaal breng je dan zo’n één tot drie jaar van je leven door op het toilet. Waarom niet proberen die toiletervaring zo prettig mogelijk te maken? Bijvoorbeeld met een muziekje.

Op de toilet van het Amsterdamse restaurant Ron Gastobar kan je op de heren genieten van een voetbalwedstrijd. Ik geloof Nederland tegen Argentinië. En op de dames klinkt een fragment uit Gooise vrouwen. Allebei ook leuk, maar waarschijnlijk vooral bedoeld om de geluiden van gebruikers te maskeren. En stel dat je helemaal niet van voetbal of Gooise vrouwen houdt.

Eigenlijk is het beluisteren van je eigen muziek veel fijner. Er bestaan tegenwoordig handige toiletrolhouder annex radio met Bluetooth. En vast ook iets waaraan je je eigen mobiel kunt aansluiten en dan lekker naar je eigen favorieten kunt luisteren. Bijvoorbeeld de toppers, een opera van Verdi of een medley van songfestivalnummers.

Maar nog leuker is live music op de plee. Bijvoorbeeld spelen op de piano.

piano op wc

Waarschijnlijk is het wel een doe-het-zelf-dingetje. Want er is vast niet snel iemand anders te vinden die je daar komt vermaken.
En geen piano bij de hand? Dan is er nog altijd de pleeborstel die je ter hand kunt nemen om een lied aan heffen.

Pleeborstel met microfoon

“If that’s all there is, my friends, then let’s keep dancing / Let’s break out the booze and have a ball / If that’s all there is…”

Uitgelicht

Vuile potten geweigerd

Wc-pot op straat

Wat doet deze wc-pot daar eenzaam op de stoep. Het is dan wel geen fiets, toch lijkt de pot fout geparkeerd. Aan de kant van de weg, afgedankt en bij het oud vuil gezet, maar niet op de juiste dag.

Soms tref je een enkele schoen aan op straat. Waar is die andere helft van het paar, denk je dan. Wie verliest er nu een schoen midden op straat, dat moet je toch merken. Zo was het ook een beetje met deze pot. Afgestapt van de fiets, heb ik het eenzame exemplaar wat beter bekeken. Wat deed deze vondeling ‘s avonds laat daar op straat? Wie had de wc-pot afgedankt? Misschien was de pot vervangen voor een nieuwe, vast en zeker door een zwevende waaronder je zo gemakkelijk kan schoonmaken.

Over vuil gesproken, lang geleden las ik bij een supermarkt op de muur: ‘Vuile potten worden geweigerd’. Ik zat net in mijn activistische periode. Wel een andere, een vorige, zullen we maar zeggen. Ik schreef nog geen toiletblogs, maar in die dagen wel op muren flikker je vrij en wij eisen mooi weer. Ja zeker, radicaal maar vol van humor en poëzie. Maar terug naar de tekst ‘Vuile potten worden geweigerd’. Dik verontwaardigd stond ik daar te blazen over die tekst bij de supermarkt. Mijn vriendinnen uitschelden! Daar moesten ze van afblijven.

Het duurde een tijd voordat ik er achterkwam, dat je ook nog mensen had die gewoon vieze glazen jampotten inleveren. Ik zat flink in mijn roze bubbel, en die potten zaten niet in mijn systeem.

De vuile verloren wc-pot daar ’s avonds laat op straat heb ik maar gelaten voor wat het was. Ik ben weer op de fiets gestapt. De pot had overigens wel een gouden deksel.

Wc-pot op straat groot
Uitgelicht

Kantoortaal en de wc

‘Transparantie op de werkvloer – een duidelijke weg naar succes’, luidt de titel van een artikel in HR-praktijk. Waarom transparant zijn? Het belangrijkste voordeel is betrokkenheid, legt het artikel uit. Transparantie stimuleert een betere werksituatie doordat de werknemers zich er betrokken door voelen bij het bedrijf en meer inzicht krijgen in de werkprocessen. Als medewerkers kunnen zien hoe hun rol de organisatie helpt en een duidelijk carrièrepad voor ogen hebben, werkt dat motiverend (…). 

Carglass

Transparantie op het werk; hoe erg wil je het hebben. Bovenstaande foto circuleert op Facebook met bijschrift: toilet hoofdkantoor Carglass. Natuurlijk moet je niet alles geloven op Facebook. Vast een goede grap over de autoruit-schade-boer. Want je moet er toch niet aan denken; zoveel openheid op de wc. En zeker niet op het werk.

Taal van de liefde

Relatietherapeut Esther Perel past haar inzichten tegenwoordig ook toe op de verhoudingen op de werkvloer. Want, meldt ze in een interview: ‘Wist je dat 65 procent van de start-ups mislukt omdat het fout loopt tussen de stichters?’. Perel constateert dat, zoals de taal van de business onze relaties is binnen gedrongen, zo heeft de taal van de relaties zijn weg gevonden in de business. We spreken op het werk over vertrouwen, transparantie, verbinden, je veilig voelen, empathie, passie. Steeds vaker beluister je de emotionele taal van de liefde op de werkvloer.

Volledige openheid

Ook al ben ik dan geen relatietherapeut, een ding weet ik wel zeker: volledige openheid of noem het transparantie is nooit goed voor de verhoudingen. En zeker niet op de wc. Niet privé, en niet op het werk.
 

De volgende keer kantoortaal en de wc deel 2 over ‘je rol nemen’. 

Uitgelicht

Natte broek ervaringen

 

I, Tonya en Magnolia, in beide films zit een scène waar je het op plasgebied Spaans benauwd van krijgt. In Magnolia doet het wonderkind Stanley Spector mee aan de televisiequiz What Do Kids Know? In de live uitzending verprutst hij het, omdat hij vooraf niet naar de wc mocht. Hij plast in zijn broek. Als kijker voel je de paniek, de schaamte en de natte broek. Je begrijpt waarom hij niet voor de camera wil komen. Na acht weken van gewonnen afleveringen is daarmee zijn kans op een spectaculaire recordverbetering verkeken. Hoe pijnlijk kan je het krijgen.

Ook in I, Tonya verbiedt de knetter ambitieuze moeder haar dochter om naar de wc te gaan. Ze heeft ervoor betaald dat haar dochter op de ijsbaan staat, niet om eraf te gaan om naar de plee te gaan. Na een moeilijke oefening plast Tonya in haar mooie kunstschaatspakje. Tragisch. Het liefst zou je ter plekke samen met de jonge Tonya door het ijs willen zakken.

I, Tonya

Mijn meest gênante ervaring met een natte broek was op de kleuterschool bij de nonnen. Als je naar de wc moest, stak je je vinger op en dan kreeg je een ketting om van grote houten kralen – als een soort Hawaïse bloemenkrans. Er was maar één ketting, en dat zorgde er voor dat iedereen netjes om de beurt naar de wc ging, maar ook dat het vaak dringen was met al die behoeftige kleuters. Ik had vast te laat mijn vinger opgestoken. Toen ik eindelijk de houten kralenketting bemachtigde, was die gang met aan weerzijden al die jashaakjes veel te lang. Voordat ik de wc kon bereiken, plaste ik halverwege in mijn broek.

Houten wc-ketting

Hoe jong ook – 4 of 5 jaar – ik wist dat terugkeren naar de klas met een natte broek geen optie was. Die vernedering zou me niet overkomen. Ik zag het al voor me; de strenge, meewarige blik van zuster Theresa en klasgenootjes die joelend zouden wijzen op mijn natte broek: Lordje heeft in zijn broek geplast. Lordje heeft een natte broeeeek. Nee, dat nooit. Kinderen en nonnen kunnen zo gemeen zijn. Vooral kleine meisjes, en vooral de verschrikkelijke tweeling Ingrid en Wiesje van Haasteren en hun vriendin Margot van der Plas.

Had ik toen maar het autobiografisch werk van de Britse schrijfster Hilary Mantel gelezen. Zij schrijft over meisjes die haar uitlachten op de kloosterschool: ‘Men zegt dat meisjes wreed kunnen zijn, maar met een flinke klap in het gezicht maak je daar snel een eind aan.’

Het enige wat ik kon bedenken was zo snel mogelijk er tussen uit knijpen naar huis, voor een droge onderbroek.

 

Bron foto jongetje met wc-ketting: Tijdschrift van de Algemene Onderwijsbond. Hoe vermijd ik ongewenst wc-gedrag?   

 

 

Uitgelicht

Wij van Lordstoiletblogs adviseren Lordstoiletblogs

Duitse Biedermeier stijl

Promotie is herhalen en herhalen. Net zoals in de reclame: Wij van WC-eend adviseren WC-eend. Dat intrigerende zinnetje waarde door mijn gedachten toen ik zocht naar een titel voor mijn allereerste blog. Misschien vanwege de waterdichte circelredenering a = a, waar geen speld tussen te krijgen is.
Nog onvoldoende ervan overtuigd dat ik de lezer iets te bieden had, benijdde ik de vanzelfsprekendheid en het zelfbewustzijn waarmee zij van WC-eend WC-eend adviseerden. Maar om het eigen product op die manier te verkopen – Ik, Lord de toiletblogger adviseer Lordstoiletblogs – is nu ook weer zo wat.

Tja, waarom moet u mijn blogs eigenlijk lezen? Wil ik dit wel lezen, vroeg vriendin T. zich hardop af. Too much information, riep oud-collega K. altijd als iemand een intimiteit wilde delen. Vriendin M. vergelijkt mijn bespiegelingen met rouwadvertensies: niemand geeft het toe, maar iedereen leest ze. Nou, ik zal u eerlijk zeggen, het maakt mij helemaal niks uit of u mijn blogs leest of niet. Vindt u het geneuzel, ijdeltuiterij, zelfbevrediging, flauwekul. Dat geeft niks. Ik heb er plezier in, ik vaar er wel bij. Het is mijn manier om de wereld terug te brengen naar hanteerbare proporties.

Net als een Agatha Christi die de wereld bezag vanuit haar dorp St. Mary Mead en alles daaraan relateerde, zo is de wc voor mij het vertrekpunt om de wereld te bekijken, te overdenken, in te zoomen en uit te zoomen. Van klein naar groot, van detail naar verre horizonten, en niks geen recht pad, want het zijn juist de zijwegen, hoeken en rafelranden die het leven bijzonder maken.

En zo loop ik soms tegen een fraai exemplaar aan waar ook nog eens muziek in zit.

Lees ook over mijn blogs. 

Uitgelicht

Humor verdrijft spruitjeslucht

Jeroen Henneman, Stilleven (Royal Flush), 1979

In Nice, New York, in Porto, nergens had ik zin in een expositie over 50 jaar na 1968. Het was de schone was die buiten hing bij het Stedelijk die me het museum in dreef. Onder de noemer ‘Amsterdam Magisch Centrum’ werd me daar een nieuw licht op Amsterdam beloofd. Geen historische tentoonstelling, hier de protestkunstenaar uit de jaren ’60 aan het woord – of beter gezegd in beeld. Amsterdam als centrum van radicale vernieuwingen in kunst en maatschappij. Nieuw licht, verklaringen, magie, inzichten, vernieuwingen. Wat wil je nog meer, dat prikkelt de nieuwsgierigheid.

‘Kunst en tegencultuur 1967-1970’, luidt de ondertitel van de tentoonstelling. Nieuwe stromingen veranderen in de jaren ’60 de blik op kunst radicaal. Het idee, het concept was minstens even belangrijk als het kunstwerk zelf.
Het meest bizarre voorbeeld van conceptuele kunst leverde overigens Piero Manzoni. Hij vulde 90 blikjes met zijn eigen ontlasting. Ieder blik kreeg in 4 talen (Engels, Frans, Duits, Italiaans) het opschrift: Poep van de Kunstenaar. Inhoud: 30 gram netto, vers bewaard, geproduceerd en ingeblikt in mei 1961. Een blik werd verkocht voor de goudprijs van dat moment.

Fountain - Marcel DuchampOok Marcel Duchamp – wiens uitspraak ‘Er is schoonheid te ontdekken in alles wat ons omringt’  nog steeds inspiratie biedt voor mijn blogs – kwam in de jaren ’60 opnieuw in de belangstelling. Zijn originele tentoongestelde pissoir uit 1917 was verdwenen en in de jaren ’60 liet hij – als een echte conceptuele kunstenaar – reproducties er van maken. Overigens bleek recent dat de ware schepper van de Fountain de Duitse Dada-dichteres Elsa von Freytag-Loringhoven is. Duchamp heeft haar pispot gejat. De boef. Hij zal hebben gezegd dat het hem niet ging om die pispot, maar om het idee erachter.

Terug naar Amsterdam en die magische jaren ’60. Na de naoorlogse soberheid kwam dan wel steeds meer welvaart, het bleef droef gesteld met onze culturele vrijheid. Dus de beer moest los. En ging het protest elders in de wereld gepaard met geweld, hier werd ironie en humor ingezet als wapen in de strijd. De bekrompen burgerlijke Hollandse samenleving werd bekritiseerd om zijn ‘spruitjeslucht’. Kunstenaars liepen te hoop tegen Kunst met een grote K. Ludiek en vol ironie werd de truttigheid en de Goede Smaak op de hak genomen. Zij omarmden de nieuwe lulligheid en gebruikten fragmenten uit het Hollandse interieur in hun werk. Jeroen Henneman met zijn toiletstortbak (zie foto hierboven), Ger van Elk met de plint, Pieter Engels deed dat met een ladder en Marinus Boezem hangt het beddengoed uit de ramen. Met een flinke dosis humor eigenden zij zich elementen uit het dagelijks leven toe.

Maar ook al moest er nog heel wat spruitjeslucht worden verdreven en heilige huisjes worden afgebroken, die hippiekunstenaars gaven ons wel wat mee. Ze leerden ons opnieuw kijken naar de wereld en vertelden ons dat kunst niet alleen in musea hangt, maar ook op andere podia te zien is, op straat, in tijdschriften, films, op tv en – jawel – zelfs op de wc.

Ja echt. Dat is pas magisch.

 

Uitgelicht

Van een treurige schoonheid

foto pleerol Jörg SasseDe foto hierboven van Jörg Sasse hangt in Huis Marseille aan de Keizersgracht. Je moet er twee keer naar kijken; eerst zijn er die blauwe kleurvlakken en dan is daar het besef van dat lege rolletje. In zijn werk isoleert Sasse een deel van de werkelijkheid en brengt dat terug tot een verstild beeld. Haast een schilderij.

Zijn foto’s roepen gevoelens op waarvan je je afvraagt waar ze vandaan komen en die niet altijd even snel te duiden zijn. Misschien is het de eenzaamheid die er uit spreekt, de vergane glorie. Misschien raakt het een diep verdriet en doet het denken aan onze eigen vergankelijkheid. In ieder geval zijn al de foto’s van Sasse van een treurige schoonheid.

foto wastafel Jörg SasseMaar word je overmeesterd bij het zien van zulke droevige beelden: adem dan in, adem uit en put uit de stoïcijnse levenskunst. Die leert ons dat we vaak geen invloed uit kunnen oefenen op een vervelend voorval, zoals een leeg wc-rolletje. Dat is een feit waaraan we weinig veranderen. Waar je wel macht over kan hebben is de houding tegenover het voorval en de betekenis die je er aan geeft.foto Jörg Sasse
Dus mocht je overmand worden door zo’n triest gevoel, denk dan snel aan de schoonheid van dat eenzame lege wc-rolletje.

Uitgelicht

Overdag een plantenbak en ’s avonds een urinoir

Greenpee Schapensteeg

Het klinkt als een carnavalskraker ‘Weet je wat ik wel zou willen zijn, een bloemetjesgordijn’, maar dat is het niet. Vanaf vorige week is de GreenPee – plantenbak annex urinoir – een Amsterdamse werkelijkheid.

De eerste groene urinoirs staan vlakbij het Rembrandtplein, in de Schapensteeg. Tijdens een telling bleek dat in de steeg iedere nacht 45 keer geplast wordt. Met het experiment van de GreenPee hoop de gemeente wildplassen te verminderen, zonder dat plaskruizen het straatbeeld ontsieren. Overdag kijk je aan tegen een miniplantsoen met bodembedekkers, siergrassen, hortensia’s en geraniums, en tijdens uitgaansnachten staat de bak open als urinoir. Mannen kunnen er hun plas doen, zonder een boete van 140 euro voor wildplassen te riskeren.

Duurzaam en circulair 
Het groene circulaire urinoir is bedacht door Urban Senses. Er kunnen 300 plasbeurten in worden opgevangen. De belofte van een duurzaam ‘circulair urinoir’ doet vermoeden dat de planten groeien op het geloosde vocht, maar dat is (nog) niet het geval. Regenwater zorgt voor de planten. De urine wordt opgevangen in een bak met (geurabsorberende) hennepvezels die na compostering inzetbaar is als  meststof voor het groen in de buurt. Dus ‘circulair’ met een ruime bocht.

Dames
Voor vrouwen met hoge nood wordt een andere oplossing gezocht. Volgens onderzoek is dat hooguit 5 procent van de illegale plasbeurten. U denkt dan vast – net zoals ik: hoe is dat onderzocht? Ik weet dat onderzoek onder Amsterdammers uitwijst dat maar 8% van de vrouwelijke respondenten weleens een toilet in de openbare ruimte gebruikt, tegenover 42% van de heren. Maar onderzoek naar illegale plasbeurten van dames? Het is vast maar een klein percentage dames dat betrapt is, zoals Geerte Piening. En stel je bent bevrijd van je plas op illegale wijze, dan wil je daar niet meer aan worden herinnerd, laat staan dat je een diepte-interview afgeeft voor onderzoek.

Uitschieters
Het onderzoek ‘Wildplas-experimenten in de Schapensteeg’ vanuit Universiteit Twente geeft uitsluitsel. Naast het verzamelen van kwalitatieve data zijn camerabeelden gebruikt om het gedrag van wildplassers te observeren. Het onderzoek richtte zich op de grootste overlastveroorzakers: mannelijke wildplassers. Het aantal vrouwelijke wildplassers is niet goed bijgehouden. Uiteindelijk is ingeschat dat er  1 tot 3 vrouwen per avond wildplassen, met af en toe uitschieters van 4-5 vrouwen per avond.

Greenpee Schapensteeg

Toekomst
Binnenkort – zo kondigt de gemeente aan – komt er een volautomatisch en zelfreinigend toilet voor iedereen op het Rembrandtplein. Gaat het dan toch nog lukken met Amsterdam en de openbare toiletvoorzieningen?
Okee, er is ons nooit een rozentuin beloofd. Maar met deze plantenbak annex urinoir gaan we de goede kant op. Het klinkt in ieder geval hoopvol.
De komst van de nieuwe burgemeester Femke Halsema versterkt dat gevoel. En ik ben niet de enige die er vertrouwen in heeft. Julia Wouters, auteur van De zijkant van de macht, over vrouwen in de politiek, merkt in Het Parool op: ‘Ik weet niet of de burgemeester er over gaat, maar hopelijk gaat ze ervoor zorgen dat er ook openbare toiletten voor vrouwen komen. Ze zal in elk geval niet, zoals een rechter deed, zeggen dat vrouwen maar in een plaskrul moeten gaan’.
Misschien moet Femke haar ambtenaren binnenkort toch eens laten praten met Marian Loth, dé Nederlandse toiletonderzoeker en industrieel ontwerper aan de TU Delft. Want een groene versie van haar damespissoir Lady P. is helemaal geen slecht idee!

Lees meer over het succes en de neergang van het damespissoir. 

Meten is weten. Zie ook de case study naar het beïnvloeden van specifiek probleemgedrag in een uitgaansgebied van Randy Bloeme, ‘Wildplas-experimenten in de Schapensteeg’ (2016) masterscriptie onderzoek vanuit DSP/Universiteit Twente. 

En meer weten over de mogelijke GreenPee’s zie Urban Senses.

Uitgelicht

Discriminatie op het toilet: bevestig je het vooroordeel of niet?

Toilet aanwijzing
Op het publieke sanitaire front wordt flink gediscrimineerd. Thuis valt er meestal niets te kiezen. Maar in de wereld van het openbare toilet – met uitzondering van de genderneutrale wc – wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen dames en heren. Stereotypen en clichés worden daarbij niet geschuwd.

Niet bekeken
Ook wel begrijpelijk. Want vrouwen willen graag droog zitten, niet gestoord door mannen die naast de pot pissen en de wc smerig achterlaten. En mannen gaan – als er dan toch wat te kiezen valt – voor de ‘heren’. Want een urinoir is gemakkelijker en sneller. Bovendien zijn er heel wat die de voorkeur geven aan een afgesloten ruimte. Ze willen niet bekeken worden. Niet door dames, laat staan door andere heren.

Kiezen
Maar als er wat te kiezen valt, moet wel duidelijk zijn waartussen.

Ladies, gents, hombres, mujeres, dames, heren, M of W. De meeste tekstbordjes laten niets te raden over. Die maken de keuze gemakkelijker. De icoontjes van mannetjes en vrouwtjes vragen al wat meer van de gebruiker. Want kiezen betekent uitsluiten en afstrepen.

Deze diashow vereist JavaScript.

Hoge hak
Ga je voor de een of kies je voor de ander? Stereotypen over mannelijkheid en vrouwelijkheid helpen daarbij. Dames dragen een rok en meneer een broek. Mannen zijn macho’s met brede schouders en vrouwen frêle met wespentailles en pronte boezems. Alle clichés komen voorbij. Waarbij de een wat meer tot de verbeelding spreekt dan de ander. De poes en de haan. De pijp tegenover de schoen met hoge hak. De potloodventer met regenjas en hoed en de dame bewapend met paraplu. De roodgeverfde mond en de snor. Of een tekstballonnetje met weinig tekst en een waar een heel kippenhok achter schuil gaat. Wat doe je dan? Bevestig je het vooroordeel of ga je er dwars tegenin?

Uitgelicht

Lentekriebels, gooi de luiken open en geef je wc een kleur!

workshop wc verven

Tussen alle nare berichten over trollenlegers, nepnieuws en alternatieve feiten speur ik naar positieve geluiden. ‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid’, luidt immers de bekende regel uit het gedicht Mei van Gorter.

Hoop
Het is even zoeken, maar een paar berichtjes van afgelopen week zijn goed voor nieuwe energie. Er stroomt weer water door de Boerenwetering, de Noord-Zuidlijn rijdt (bijna) en de eerste plasticvrije supermarkt opent in Amsterdam. De kunstenaarssociëteit Sexyland organiseert een rustgevende workshop wc verven. En de nieuwe collectie van modeontwerper Bas Koster gaat over hoop. Na de dood van zijn ouders heeft hij daar behoefte aan. Volgens hem is er ook in de samenleving hang naar hoop. Ik denk dat hij daar wel eens gelijk in zou kunnen hebben. O ja, en Femke Halsema wil de verbeelding weer aan de macht. Dat lijkt me sowieso een goed idee.

Pimpelpaars
Dus vooruit, niet zeuren, gooi open die luiken. Laat de wind er doorheen waaien, lucht door die tent. Volg een workshop en verf je wc pimpelpaars of in alle kleuren van de regenboog. Doe een dansje rond de pot, gooi je haar los of scheer het af. Het is lente, tijd voor een nieuw geluid.

Lo with a view

Lees meer over Sexyland en de workshop wc verven in Het Parool.

En heb je nog meer inspiratie nodig? Laaf je dan aan het liedje Zeur niet van Annie M.G. Schmidt.

 

Uitgelicht

De watervallen van New York

Wc New York

Een vriend vertelde dat hij als 17-jarige er een sport van maakte om in Frankrijk cafés waar je Coca-Cola kon drinken te bezoeken. Dat was in zijn tijd nog niet overal het geval. Jaren later deed ik hetzelfde, maar dan op zoek naar wijn. Tegenwoordig is mijn rode draad het toilet. Geboren met een zwakke blaas, te veel wijn gedronken, wie zal het zeggen, maak ik van de nood een deugd.

Water
Tijdens mijn recente bezoek aan New York zag ik heel wat wc’s voorbijkomen. Wat het meest op viel waren de gigantische spoelinstalaties. Haal de hendel omlaag en de godganse Niagara watervallen stromen naar beneden. Dat is New York, aan water geen gebrek.

Zoe Leonard, You see I am here after all (2008)

Natuurwonder
In het Whitney Museum of American Art kwam ik in het werk van Zoe Leonard nog meer watervallen tegen. Haar verzameling vintage ansichtkaarten van de Niagara Falls vormen een wandvullende collage. Het  natuurwonder is te zien in verschillende jaargetijden en vanuit verschillende gezichtspunten. En elk beeld is net weer een beetje anders.

Perspectief
Zoe Leonard gebruikt vaak herhaling, subtiele verschillen in perspectief en verschuivingen in maat, waardoor ze je met andere ogen laat kijken naar ogenschijnlijk dezelfde beelden. In tegenstelling tot de vluchtigheid van de beeldcultuur van vandaag, vragen haar foto’s, sculpturen en installaties om wat langer stil te staan bij wat je ziet en hoe je kijkt.

How to Take Good Pictures, Revised Edition Paperback – September 5, 1995 by Kodak (Author)Kodak
Vooral haar installatie How to Take Good Pictures zet aan het denken. Leonard rangschikte meer dan 1.000 exemplaren van het gelijknamige boek – een handleiding van 1912 tot 1998 van Kodak – in stapels, chronologisch volgens editie. Als je langs de 20 meter lange installatie loopt zie je de covers veranderen, qua stijl, typografie en als teken van technologische vooruitgang in druktechniek. Maar de inhoud verandert niet. Elke nieuwe editie herhaalt dezelfde criteria voor ‘goede foto’s’ en illustreert dat met dezelfde ‘well-to-do white people’.

En opnieuw moest ik naar de wc. Maar nu keek ik er toch net even anders tegenaan.

Lees ook mijn blog Zwart en wit broederlijk naast elkaar over de foto Two Toilets van Zoe Leonard. En mijn blog over New York en de kunst van het loslaten. 

Meer weten over het werk van Leonard lees dan  Why Zoe Leonard Is the Artist We Need in Today’s Instagram-Addled Age.

Uitgelicht

Gezellig op de wc van de baas

Toilet annex boekenkast

Laatst hoorde ik een collega in de wc naast me druk aan het bellen.”Haal jij de kinderen op?”, vroeg hij waarschijnlijk aan zijn vrouw. Hij is niet de enige die ‘oneigenlijk’ gebruikmaakt van de toiletruimte van zijn werkgever. Ook ik doe het regelmatig. Zo heb ik al heel wat Wordfeud-puzzeltjes opgelost, recepten opgezocht en nieuws gecheckt op de wc van mijn baas. Het is maar wat prettig om in de hectiek van het werk even een moment te nemen voor jezelf. Opgeladen en wel kan je daarna weer met volle moed de werkvloer betreden.

Sfeervol
Ik las ergens dat de toiletruimte steeds meer het karakter krijgt van een ‘verblijfruimte’. Hoe dat er uit ziet, weet ik niet. Maar het klinkt aantrekkelijk. Vast geen witte tegeltjes. Ik stel me een warme ruimte voor. Er is zeker veel te zien, iets te horen en te lezen. Misschien met stemmige muziek, vakbladen en een uitschuiftafel om je Ipad en kop koffie op te zetten. In ieder geval is het sfeervol zitten daar.

Asbak op de wcGezellig
Over gezelligheid gesproken. Ik herinner me dat er tot laat in de jaren ’90 op het werk gerookt werd en er asbakken in de wc-ruimtes hingen. Soms kom je nog wel eens zo’n zielige verlaten asbak tegen. Zoals op de foto bij een bekende autodealer.

Duo-toilet
Het zou nog eens wat zijn, als het duo-toilet opnieuw zijn intrede doet in de sanitaire wereld. Want dat is toch wel het toppunt van gezelligheid.
Publieke toilet bij de RomeinenNet zoals de Romeinen, gemoedelijk naast elkaar op het toilet. Het badhuis en de latrine – de openbare toilet – waren plekken om uit te rusten en te praten. De latrine bestond uit een aantal gaten naast elkaar, boven een trog waar stromend water doorheen liep. De Romeinen combineerden zo hun streven naar hygiëne met het sociale leven.

Duo wc'sEmpoweren
Gezelligheid is een groot goed. Maar ik vrees dat de duo-wc op kantoor het niet gaat worden. Je wilt niet alles mee krijgen van je collega’s.
Voorlopig koesteren we nog even dat moment voor jezelf op de wc van de baas. Ik kan je verzekeren: het helpt om je in alle rust op te laden en te empoweren. Daar kan je baas niks op tegen hebben. Sla jezelf nog maar eens op de borst en zeg daarbij hardop: IK BEN RETEGOED BEZIG!!! Zo, nu kun je weer terug naar de slangenkuil in de kantoortuin.

Vind je dat de wc op jouw werk een stylingadvies nodig heeft? Je kunt er met me van gedachten over wisselen. Neem gerust contact met me op via info@lordstoiletblog.nl

PS In mijn volgende blog een stemadvies voor de gemeenteraadsverkiezingen.

Uitgelicht

Iedereen op een eigen troon. Sprookjes rond het toilet

gezien in Museum aan de Schelde, Antwerpen
Welk kind wil geen prins of prinsesje zijn?

In de Britse serie Victoria kwam alles samen: geschiedenis, royals, drama en mijn fascinatie voor de wereld van de wc. Prins Albert, echtgenoot van koningin Victoria, demonstreerde het eerste watercloset aan zijn hofhouding. “Ik hoop dat ooit alle huishoudens een troon voor zichzelf hebben”, sprak hij daarbij als wens uit. De prins (1816-1861) was een groot voorstander van technologische vooruitgang. En ongetwijfeld hoorde daar het watercloset, de toiletpot met waterspoeling, bij.

herentoilet villa MalfitanoVeredeld gluren
Paleizen bezoeken en series als The Crown en Victoria bekijken, is toch een soort van veredeld gluren bij de koninklijke buren. Soms je verliezen in het sprookje. Lekker verlustigen aan alle pracht en praal. En wegdromen naar andere tijden. Tegelijkertijd je realiseren dat koninginnen, koningen, prinsen en prinsessen ook maar mensen zijn, met hun eigen sores.
Als kind bedacht ik regelmatig dat de koningin ook gewoon naar de wc moet. Misschien heeft dat wel dezelfde werking als de tip om de zenuwen tijdens het spreken in het openbaar de baas te blijven door je het publiek bloot voor te stellen. Het helpt om de wereld terug te brengen tot menselijke proporties.

Paleis Soestdijk
Eind vorig jaar was er nog een laatste kans om Paleis Soestdijk te bezoeken. Koningin Juliana kon nog wel eens driftig op tafel slaan: ze wilde gewoon zijn, zoals alle andere mensen. En ik hoopte nog een keer een blik te werpen op haar ‘gewone’ toilet. Maar helaas. Dat zat er niet meer in. De deur bleef gesloten. Wel vond ik op internet de foto hieronder.

Bovendien een fragment uit Andere tijden over de desperate staat van het paleis en de ‘gewoonheid’ van haar bewoners.

Natuurlijke mest
Als in 1986 het water na een flinke regenbui het paleis binnenstroomt, moet in korte tijd een riool worden aangelegd. Kees Stam, destijds uitvoerder bij grondbedrijf Woestenburg: “Tot dan toe loosden ze op de bodem. De fecaliën verteerden gewoon en het water liep in het zand weg.” De klus moest geklaard worden tijdens de zomervakantie van de koninklijke familie. Bij terugkeer vond de koningin haar gazon er wel wat kaal en minder groen uitzien. Tja, het miste alle natuurlijke mest en bewatering. Om te bedanken nodigden koningin en prins de hele ploeg uit voor een hapje en een drankje. Stam: “Net als bij je opa en oma. Ja, zij moeten ook naar de wc, en daar moesten wij voor zorgen”.

Troon met gat
Qua wc’s-kijken had ik afgelopen zomer meer succes bij de aartshertog Maximiliaan van Habsburg. Kasteel Miramare, het zomerverblijf van de latere keizer van Mexico ligt aan de Golf van Triëst. De broer van keizer Frans Jozef en zwager van Sissi woonde hier van 1860 tot 1864.

En daar verstopt in een nis in de badkamer zag ik een zetel met een gat. Het zijn juist de hoekjes die ons zo veel leren over de geschiedenis. De postoel, ofwel chaise percé stond er maar zielig bij.
Maximiliaan werd in Mexico ter dood veroordeeld. Zijn echtgenote Charlotte, dochter van koning Leopold I van België, keerde in 1866 terug naar Italië om politieke steun te zoeken. Ze zou haar echtgenoot niet meer terugzien, want een jaar later werd hij in Mexico vermoord. Charlotte raakte in de war en trok zich terug op Miramare. Door haar personeel in onwetendheid gehouden over de dood van haar man, zie je haar zitten op de troon met gat in die nis. Daar onder de klok. Diep ongelukkig en helemaal de weg kwijt.

Gemakstoel
In het Nederlands wordt zo’n postoel ook wel aangeduid als kamergemak of gemakstoel. Op Paleis Het Loo is er nog een te zien van Willem III (1849-1890). Zelfs een verplaatsbare met waterspoeling. Want een koning gaat niet naar de wc, de wc komt naar hem. Overigens ook een treurig verhaal, met die Willem III. Aan het eind van zijn leven kwam de gemakstoel goed van pas. De koning was zo ziek dat hij zijn slaapkamer niet meer uit kwam.
Een aantal ministers begluurde hem vanachter een kamerscherm om te beoordelen of hij nog wel toerekeningsvatbaar was. Dat bleek knap mis. De koning werd ‘buiten staat’ gesteld om te regeren.

Staatszaken
Toch maar even terug naar de postoel. De Oostenrijkse keizer Frans Jozef beschikte over een draagbaar gemak, dat eruitzag als een kleine hutkoffer. Zo was hij ook op reis van alle gemakken voorzien. Heel chique.
Het toilet en de inrichting van de toiletruimte zeggen iets over ons en over de tijd. In de zestiende eeuw stond los sanitair in de keuken of slaapkamer. Ook zonnekoning Lodewijk XIV ging al poepend gewoon door met staatszaken. Pas in de Victoriaanse tijd werd de stoelgang een activiteit waarvoor je je behoorde te schamen, dus uitgevoerd in afzondering.

Eigen troon
Vernieuwingen in de wereld van de wc zijn niet meer zo opzienbarend als in de tijd van prins Albert. Koningen en koninginnen vormen al lang niet meer de avant garde als het gaat om sanitair. Moeten zij het doen met oude tochtige, koude buitenverblijven en paleizen, ‘gewone’ mensen maken van hun toilet steeds meer een ‘verblijfsruimte’ met de allure van een paleis. Maar hoe luxe of sober ook, een drol in een gouden toilet blijft een drol.
Gouden wc Maurizio Cattelan, Guggenheim MuseumDe droom van prins Albert ‘ieder huishouden zijn eigen troon’ is uitgekomen op het Britse eiland en in de westerse wereld. Maar nog steeds heeft eenderde van de wereldbevolking geen toegang tot wc’s.
Daar valt echt geen mooier sprookje van te maken.

De tweede foto in deze blog lijkt op het watercloset dat prins Albert liet installeren voor zijn hofhouding, maar is het niet. Deze watercloset uit eind 19de eeuw is te bekijken in Villa Malfitano in Palermo. Zie ook Mijn top 5 meest indrukwekkende toiletten van 2017 .

Wie meer wil weten over koning Willem III: bekijk De koning die te ziek was om koning te zijn. 

Heb jij een mooi exemplaar voor mijn beeldbank, mail ‘m dan vooral naar info@lordstoiletblog.nl 

 

Uitgelicht

Mijn top 5 meest indrukwekkende toiletten van 2017

Affiche expositie Everything you always wanted to know about Toilets. Cube design museum

Dit jaar heb ik zoveel wc’s bezocht en bekeken. Ik draag ze dan wel niet mee op mijn rug. Maar ze zitten wel in mijn hoofd. En dat moet er uit. Dus wordt het tijd om mijn lijstje te delen. Voila, hier mijn top 5 meest indrukwekkende wc’s van 2017.

Mijn nummer 1. – De ‘heren’ van café tHUIS aan de AMSTEL

Soms beland je opeens op een juweeltje. De ‘heren’ in de voormalige Ingenieurswoning van de Zuidergasfabriek (1913) is beslist een bijzondere. De houten driehoekige bril wekt de indruk van handgemaakt. De porseleinen pot lijkt wel gebeeldhouwd. Bijna ben je geneigd aan het reliëf te voelen. Nee, nee, dat doen we natuurlijk niet. Dat is niet hygiënisch. Al hoewel…

Mijn nummer 2. – Bi-Bardon van Alex Sweder

Performance architectuur noemt Alex Sweder zijn eigen werk. De kunstenaar ontwierp deze Siamese tweelingurinoir niet voor praktisch gebruik, maar als commentaar op het traditionele design van sanitair. Hij stelde zich voor hoe het urinoir voor ‘abnormale’ mensen er uitziet.
De Bi-Bardon van Sweder (2001) heeft een plek gekregen in de permanente collectie van het San Francisco Museum of Modern Art (SFMOMA).

Mijn nummer 3. – W+W Toilet van Gabriele & Oscar Buratti

 W+W Toilet van Gabriele & Oscar Buratti

Geef toe. Dit is een mooie moderne. Op de foto valt het toilet roze uit. In werkelijkheid is de W+W wit. Het vierkante L-vormige design verraadt de jaren ‘0. De combinatie van wastafel en watercloset is inderdaad in 2010 ontworpen door de architecten Gabriele & Oscar Buratti voor Roca, een wereldwijd merk op badkamergebied.

De W+W staat voor waterbesparing en optimalisatie van de ruimte. Het innovatieve systeem filtert het wasbakwater zodat het kan worden hergebruikt in het toilet. Vergeleken met een klassieke spoeltoilet gebruikt deze tot 25% minder water. Het reinigingssysteem voorkomt dat bacteriën in de wateropslag worden gespoeld en dat vermindert weer onaangename geuren.

“Dit unieke, onderscheidende en originele ontwerp brengt elegantie en duurzaamheid in de badkamer. Een ontmoeting tussen manieren van verfijning en liefde voor de planeet (…).” U begrijpt, ik citeer uit de folder.

Mijn nummer 4. – de wc’s van de Whitakertjes

In Palermo staat de villa Malfitano van de familie Whitaker. Op de ‘heren’ kreeg ik er daar twee voor de prijs van een. Een oude en een nieuwe.

Helaas kreeg ik beide wc’s niet samen op de foto. Dus op de linker foto het originele watercloset. Waarschijnlijk stamt deze houten doos nog uit de tijd toen de villa werd gebouwd: eind negentiende eeuw. Nu niet meer in gebruik. Met de houten klep naar beneden is het een bank. Rechts daarvan – zowel in het echt als hierboven – bevindt zich de vierkante nieuwe.

Mijn nummer 5. – de wc van de burgemeester van Palermo 

In de imposante werkkamer van Leoluca Orlando, de burgemeester van Palermo, bevindt zich rechts achter zijn bureau een klein deurtje. Verstopt in de wand voert dat deurtje naar een wc. Voordat je daar bent moet je eerst nog wel een hele lange smalle gang door.

Het stadhuis is gevestigd in het 15de eeuwse Palazzo Pretoria. Iedereen kan daar zo naar binnen wandelen. Zelfs de werkkamer – en wc – van de burgemeester zijn toegankelijk voor publiek. Laagdrempeliger kan het haast niet.

Die toegankelijkheid is typerend voor burgemeester Orlando, want net zo open en gastvrij is hij voor vluchtelingen. Op de kade van Palermo heeft hij al zo’n zestigduizend bootvluchtelingen begroet. Iedereen mag van hem overal geluk zoeken. “Ik wil hen laten weten dat ze welkom zijn in deze stad. (…) Wij maken geen onderscheid. We moeten ze met open armen ontvangen.” Met stemverheffing: “Mag ik u er even op wijzen dat het hier om ménsen gaat?” (Uit Trouw).

Meer zien
De foto van de meneer met de wc-pot op zijn rug is het affiche van de expositie Everything you always wanted to know about Toilets *. Nog tot 14 januari 2018 te zien in het Cube design museum in Kerkrade.
Op deze expositie zijn ook het W+W Toilet van de gebroeders Gabriele & Oscar Buratti en de Bi-Bardon van Alex Schweder nog te bekijken.

De heren-wc van de voormalige Ingenieurswoning in het echt zien? Bezoek dan tHUIS aan de AMSTEL.

Mijn blogs in je mailbox ontvangen? Stuur me dan even een mail, dan krijg je mijn volgende blogs automatisch in je mailbox.

 

Uitgelicht

Zit een ronde wc-bril lekkerder?

Uit onderzoek blijkt dat aardbeienmousse van een rond, wit bord zoeter smaakt dan van een zwart vierkant bord. Ronde vormen roepen associaties op met zoet. Zou een ronde wc-bril ook zoeter, zachter en prettiger voelen dan een vierkante bril?

Roze vierkante bril

Lees ook mijn blog het toilet in alle kleuren en geuren.

Heb jij een mooi exemplaar voor mijn beeldbank, stuur ‘m vooral naar info@lordstoiletblog.nl.

Uitgelicht

Betaal publieke (dames)wc’s met toeristenbelasting

Ontwerp Krul 2.0

De Amsterdamse binnenstad telt 35 plaskrullen voor mannen. In het weekend komen daar nog eens 40 plaskruizen bij. Voor vrouwen zijn er twee of drie plekken. Uitbreiding van het aantal openbare damestoiletten loopt telkens stuk op de centen. De Krul 2.0 biedt een oplossing. Die moeten er snel komen, en kan simpel bekostigd worden door de geplande verhoging van de toeristenbelasting.

Het antwoord op de vraag waarom er niet meer openbare damestoiletten zijn, is ontluisterend. Peter-Paul Ekker, woordvoerder van de gemeente Amsterdam in Het Parool: Er heeft ‘nog nooit iemand naar de gemeente gebeld met de vraag voor meer openbare toiletten voor vrouwen’. Maar er is, volgens hem, wel een grote kans dat er binnenkort over gesproken gaat worden.

Dus eerst moet je bellen voordat er wat gebeurt. Vervolgens wordt er over gesproken. Althans, die kans is groot. Dat is toch diep treurig. Want als we daar op moeten wachten heb je het al lang in je broek gedaan.

Sanisette
Een vogelvlucht door de geschiedenis van de damestoiletten in Amsterdam maaSanisette Parijskt niet vrolijk. In de jaren ‘80 keerde een speciale urinoircommissie positief gestemd terug uit Frankrijk. De sanisette – niet weg te denken uit het Parijse straatbeeld – kon weleens dé oplossing zijn voor het sanitair seksisme in Amsterdam. De sanisette stelde vrouwen eindelijk in staat ‘openbaar’ te plassen. Tegen betaling van twee kwartjes krijgt de bezoeker toegang tot een zelfreinigende toilet met fonteintje, wc-papier, handdoekjes en een spiegeltje. Zodra je na het wassen van de handen het straattoilet verlaat, stopt de muziek en schakelt de computer de elektronische interieurverzorgster in. De proef stopte in 1985. Het entreegeld verdient de hoge exploitatiekosten niet terug. De gemeente moest er geld op toeleggen en de sanisette verdween weer uit het straatbeeld.

Wildplassympasium
Het bleef tobben. In 1997 organiseerde de gemeente Amsterdam een heus symposium. Onder meer horeca en politie brachten samen het wildplasprobleem in het centrum van Amsterdam in kaart. De aanbevelingen tuimelden over elkaar heen: de politie moet vaker bekeuren bij een ‘heterdaadje’, boetes omhoog. Er moeten krullen bij en toiletvoorzieningen voor dames en heren in combinatie met telefooncel, kaartverkoop voor openbaar vervoer en VVV-kantoor. Meer plaskruisen, stenen plashellingen en toch ook weer sanisettes moeten er komen. Plus verbodsborden, wegwijzers naar de pisbakken, en voorlichting op scholen.

Plasgenot 
Een aantal proefprojecten ging van start. Zo kwam er een zelfreinigende krulurinoir op de Wallen, een plaskruis op de Vijzelgracht en een bewaakte toiletwagen voor dames en heren op het Rembrandtplein. Vooral de laatste oplossing was een groot succes. Dames waren opgelucht. Maar het plasgenot was van korte duur. De ‘visuele belasting’ van het al zo kleine Rembrandtplein telde voor de gemeente zwaarder dan de overlast van de wildplasser.

Lady P.
Eind jaren ‘90 leek er even een frisse wind op te steken op het sanitaire damesfront. De Nederlandse industrieel ontwerper Marian Loth ontdekte dat 90% van de vrouwen contact vermijdt met de toiletbril in openbare gelegenheden, en het dus ‘zwevend’ gebruikt. Zij ontwierp de Lady P. Dit urinoir heeft wat weg van de variant voor heren, maar met een langer en spitser opvangbekken. Lady P. heeft Amsterdam nooit bereikt.

Urilift
En toen bleef het heel lang stil op het gebied van publieke sanitaire voorzieningen voor dames. Pas een jaar geleden kwam de Urilift Combi op de markt. Deze bestaat uit twee urinoirs voor mannen en een wc-pot in een afgesloten ruimte voor vrouwen. De verzinkbare urinoir rijst uit de grond op zodra de zon ondergaat.

.Urilift Combi op de Dam

Begin 2016 werd de Urilift met afsluitbaar vrouwengedeelte geïntroduceerd in Amsterdam. Wel een primeur. Want Amsterdam heeft de eerste vrouwenurinoir ter wereld. Dat dan wel weer. Maar de Urilift is een dure zaak. En het bleef tot nu toe bij die ene op de Dam.

Krul 2.0
Recent ontwierp het Amsterdamse bureau Studio Selva op eigen initiatief een nieuw openbaar toilet: de Krul 2.0. Ze keken hoe een voor iedereen toegankelijke wc eruit zou kunnen zien.

Krul 2.0 ontwerpArchitect Johan Selbing: ‘Het sluit op die manier aan bij de bestaande, eenvoudige, maar voor Amsterdam zo kenmerkende krullen. Dat wil zeggen: niet alleen voor mannen en vrouwen, maar ook rolstoeltoegankelijk en uitgerust met een verschoontafel’. Eerder tekende hij het meubilair voor het Vondelpark. De toiletten die hij voor het park ontwierp, werden uiteindelijk om financiële redenen afgeschoten. ‘We hebben daarom een technisch eenvoudig ontwerp gemaakt, wat de kosten beperkt’, vertelt Selbing. De Krul 2.0 is iets groter gemaakt en heeft een roestvrijstalen wc, een dak, een deur en aan de buitenkant een wastafel annex drinkfontein.

Toeristenbelasting
Ook Selbing benadrukt dat door de toename van toeristen in de binnenstad er een grotere behoefte aan openbare toiletten is ontstaan. Je zou inderdaad denken dat tegenover alle inkomsten die Amsterdam aan haar bezoekers verdient er toch wel meer mag staan dan twee of drie openbare damestoiletten. Een beetje wereldstad beschikt op z’n minst over even veel openbare heren- als dameswc’s.
En als het dan nog steeds een centenkwestie blijkt, is dat binnenkort met de verhoging van de toeristenbelasting ook opgelost. Kortom, er staat de Krul 2.0 niets meer in de weg.

Lees ook mijn blog  Zeikwijven, hoge nood en de plaskrul.

Uitgelicht

Over zeikwijven, hoge nood en de plaskrul

Christien Zuidweg (links) en Suzan Heere (rechts) in Zeeuwse klederdracht bij krul-urinoir in Amsterdam (foto: Jac van Belzen)

Zul je altijd zien ben ik als enige echte toiletblogger net op vakantie en dan breekt de pleuris uit op het front. Wat kan ik nog toevoegen aan het publieke debat over wildplassen, openbare buiten-wc’s voor dames en plaskrullen? Juist: een beeld en een beeld en nog een beeld.

Dat ziet toch iedereen. Dat is geen doen daar op je hurken, terwijl de hele wereld je kukeleku kan zien. Geerte Piening is natuurlijk een held. Het is niet niks om bekend te staan als wildplasser en – letterlijk en figuurlijk – als zeikwijf. Met succes vocht ze de wildplasboete aan om aandacht te vragen voor het gebrek aan openbare damestoiletten. Wat meehielp was de uitspraak van de Amsterdamse kantonrechter: ‘Als vrouw kun je ook in een urinoir plassen. Het is misschien niet prettig, maar het zou wel kunnen’.

In de hurkende positie bied je voorbijgangers een vrije blik op je blote billen. Een nadeel. Noor Spanjer in Vice

Onder welke tegel heeft deze rechter gelegen? Want ook dat zie je toch zo: het urinoir is een echt mannending. En de krul, een ontwerp uit 1916 van Joan van der Mey – een leerling van architect Eduard Cuypers en één van de aanvoerders van de Amsterdamse Schoolstijl – is een museumstuk. Waar je alleen maar naar moet kijken. En dan ook nog van een afstandje. Want van de stank word je niet vrolijk. Daar wil je zelfs als man niet in.

Overigens is de eerste krul na verloop van tijd aangepast aan de veranderende behoeften. Er werd gezorgd dat er licht naar binnen valt op de ‘waterplaats’ en dat men van buitenaf kan zien of er zich personen in bevinden. Zodat de agent ‘de aldaar gepleegde tegennatuurlijke ontucht’ beter in de gaten kon houden.
Dus eigenlijk is de krul een vrouwonvriendelijk museumstuk, en van oorsprong ook nog eens homo-onvriendelijk.

En als je denkt dat het in bovenstaande stenen exemplaar – dicht van onder – prettiger toeven is. Ik kan je verzekeren: de stank is daar aan de Oudezijds Voorburgwal niet minder. Het door Allard Remco Hulshoff ontworpen urinoir werd in 1926 gebouwd tegelijkertijd met het toenmalige stadhuis, geheel in de stijl van de Amsterdamse School. Met op het dak een beeldhouwwerk van Hildo Krop.
Dit museumstuk gaat zeker nooit plaats maken voor een vrouw-vriendelijke toilet. Want in 2001 werd het aangewezen als rijksmonument.

Voor wie echt heel hoog nodig moet – en zich over de stankoverlast en het bekijks heen kan zetten – is er de handige app hoge nood.  Ik zou wel een plastuit en luchtververser meenemen.

Meer lezen over wildplassende vrouwen en meer foto’s bekijken? Kijk op actie zeikwijf.

Uitgelicht

Hoog en laag: iedereen poept

Poep is een onderwerp dat bij uitstek gebruikt wordt om de aandacht te vestigen op de gelijkheid van mensen. Hoog en laag moeten er aan geloven. Daarin is verwantschap met het spreken over de dood, schrijft Michael Elias in zijn artikel Het scheelt veel wie er poep zegt voor het tijdschrift Medische Antropologie.

Geen onderscheid
Ik herinner me dat ik als kind vaak bedacht dat de koningin ook gewoon naar de wc moet. Iedereen doet het: daar wordt geen onderscheid in gemaakt. Maar praten er over is weer een hele andere kwestie.

Zwijgen over poep
Elias verkent in zijn artikel hoe er in onze cultuur over poep gesproken, geschreven en gezwegen wordt. Soms hoef je het er inderdaad helemaal niet over te hebben. Met een passage uit Godfried Bomans’ Memoires van Pieter Bas illustreert hij dat mooi.

“Anna, ‘die nog bij meneer zelf gediend had’, stond er op dat wij alle vier op de po gingen. Want, zoo meende zij, een Christenmensch kon niet slapen als niet alle ‘kwaje stoffen’ d’r uit waren.” Wat volgt is een beschrijving van de “kleine ceremonie” waaraan Pieter en zijn drie broers werden onderworpen:

Derhalve werden er vier po’s op een rijtje tegen de muur geplaatst, de gebroeders Bas zetten zich er op, en keken elkander gespannen aan. Want het was zaak wie hem het eerste ‘eruit’ had. Had iemand hem het eerste eruit, dan stapte hij zegevierend in bed, en wachtte op de volgende winnaar. En samen vuurden zij de twee achterblijvers aan om ‘zich niet te laten kennen’; en deze twee keken elkander met roode gezichtjes aan, vastbesloten zich tot het uiterste te geven. Die arme Jozef! Hij verloor altijd, en wanneer de een na de ander in het bed kroop, en hij eenzaam op de vloer zat te steunen, kreeg ik wel eens medelijden met hem. Dan richtte ik mij op, en riep:
“Hoe ver?”
“Bijna”, klonk het dan ernstig terug.
Goede Jozef! Maar soms werd hij beloond.
“Kom’s allemaal kijken” riep hij dan opgewonden.
En wij vlogen gedrieën het bed uit, want“ die van Jozef waren niet mis”. En wij bezagen het werk met de oogen van kenners die weten wat de prijs is, en zeiden dat het een “knaap” was, terwijl de gelukkige eigenaar met een dankbaar lachje de hulde in ontvangst nam.

Michael Elias was mijn leraar Nederlands op de middelbare school. We hebben het er nooit over gehad. Maar vast en zeker heeft hij mijn liefde voor literatuur beïnvloed.

Uitgelicht

Welke broek past jou?

Het is vaak kiezen in het leven. Ga je rechts, of links. Naar de dames of de heren? Wat dat betreft is het genderneutrale toilet een uitkomst.

Hoewel de aanduiding daarvan nog wel een dingetje is. Laatst beluisterde ik op het toilet van de Stadsschouwburg Amsterdam de volgende dialoog. Zij: “Oh, sorry. Is dit de heren? Ik dacht dat het de dames was.” Hij: ”Nee, ’t is tegenwoordig voor genders”. Waarbij hij de g als een harde  Amsterdamse g van ‘getver’ uitsprak.

Bovenstaande aanduiding met het gehalveerde mensje hangt in de Stadschouwburg. Hoe het onderste deel van de gebruiker er uitziet is niet meer relevant.

Het all gender toilet van de Stadschouwburg is overigens de omgebouwde heren. De urinoirs zijn nu afgeschermd met klapdeurtjes. Maar iedereen is nu welkom om gebruik te maken van de toiletten. Mannen met jurken. Vrouwen met broeken. Types met broekrok. Allemaal welkom.

De Engelse aanduiding ‘all gender restroom’ klinkt al heel wat vriendelijker dan ‘genderneutraal toilet’. Elise van Alphen van het Transgender Netwerk Nederland (TNN) merkte recent op in Het Parool dat ‘genderdivers’ een betere term is. “Genderneutraal veronderstelt dat je iedereen in dezelfde mal kunt duwen. Het gaat er juist om de ruimte te bieden voor de diversiteit die er in werkelijkheid al lang is.”

Het veel gebruikte beeld van het half mannetje/half vrouwtje is ook niet echt neutraal. Het suggereert een derde geslacht. Een nieuw hokje.

Wat dat betreft komt de tekst ‘We don’t care’ al veel meer tegemoet aan die diverse wereld. Want het maakt helemaal niet uit wie of wat je bent of hoe je je plas doet. Als je het maar droog houdt. Dat heet vooruitgang!

Dubbele boodschap

Affice Zitten maakt ons ziekZoveel informatie en signalen die elke dag weer op ons afkomen. Het leven zit er vol mee, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Je hoeft de straat maar over te steken: reclamezuilen, verkeerslichten, op gevels, aanplakaffiches, de etalage van de bakker, weekaanbiedingen bij AH. Om nog maar niet te spreken van kranten, tv, radio en alle andere zelfgekozen mediakanalen.

Zitten maakt ziekVan de wijs

Afgelopen week was ik op kantoorbezoek bij een grote landelijke organisatie in Groningen. Op de ‘heren’ hing daar – net boven het urinoir – een oproep, of beter gezegd een dringende advies om iedere dag  10.000 stappen te zetten. De oproep werd ingeluid door de volgende tekst: ‘Zitten maakt ons ziek’.
Natuurlijk, bewegen is altijd goed, zeker voor kantoorpersoneel. Zitten is het nieuwe roken, zeggen ze tegenwoordig. Maar de boodschap die hier en passant werd meegegeven ‘Zitten maakt ons ziek’ hakte er op deze plek flink in.
In een van mijn blogs sneed ik laatst nog het fenomeen zittend plassen aan. Ook al was ik beslist niet van plan om in of op het urinoir te gaan zitten. U begrijpt, ik was van de wijs.

Goedbedoeld

Zitten, staan, bewegen, maak me gek! Ik las de overige aanwijzingen op het affiche. ‘Neem het toilet eens hierboven. Haal alleen koffie voor jezelf. Neem de trap in plaats van de lift’. Ik herkende de goedbedoelde adviezen die tegenwoordig in zwang zijn in kantoorland. Bewegen moet, bewegen is goed. Dynamisch werken, vitaal naar het pensioen. Allemaal bedoeld om de werknemer langer fit en vitaal aan het werk te houden. Maar hier – misschien was het op z’n Gronings – klonk het advies wel erg dwingend.

Recalcitrant

Zouden er ook affiches op de damestoiletten hangen? Misschien wel op de deur. Stel je voor, je zit net lekker en leest dan: ‘Zitten maakt ons ziek.’ Je zou er bijna recalcitrant van worden en zittend een sigaretje opsteken.

Voor mijn zussen en neven

wc onder schuin dakEr waren eens drie zussen. Elk van hen had twee zonen. De middelste zus vond dat haar zonen zittend moesten plassen. Al dat gespetter naast en om de pot, ze was de viezigheid en het gedweil zat. Dus zei ze: ‘Hup en vooruit, zitten met die fluit’.

De oudste zus was het volkomen met haar eens. Ze kaartte het aan bij haar zonen, maar gaf zich al snel gewonnen. Er was geen redden aan bij die twee. Ze sprak ze toe: ‘Iedere keer lijken jullie wel dover. Ik geef me over.’

En dan was er de jongste zus. Haar wc bevond zich onder een schuin dak. Je kon er niet staan, je moest er zitten. Ze had er geen omkijken naar. Want wat had je liever: je hoofd stoten of lekker zitten? En de jongste zus zei over haar zonen: ‘Ik maak me geen zorgen. Ze merken het wel, is het niet vandaag dan morgen.’

Het smalle huis van Erwin Wurm

narrowtoiletHet oude jaar afsluiten en het nieuwe jaar beginnen in Normandië betekent: geen vuurwerk, wel fruits de mer met oesters, Franse kazen en wijn. Ik heb de brede standen gezien, de zee en luchten. Weer iets meer begrepen van de impressionisten voor wie de natuur bestond uit licht en kleur. Gelogeerd aan de oude haven van Honfleur, de badplaatsen Deauville en Trouville met de Pippi Langkous villa’s bezocht. Krijtrotsen gezien. Gewandeld door het na de oorlog door Auguste Perret in beton herbouwde centrum van Le Havre.

Le-Havre-St-Jospeh-OutsideBeton-dichter

Mooi van lelijkheid is het werk van de beton-dichter en architect Auguste Perret. Mijn wandeling startte op Place l’Hôtel de Ville toen naar de Saint Joseph kerk en terug om de modelwoning – een reconstructie van Atelier Perret uit 1945 – van binnen te zien. Onderweg kwam ik nog langs een openbare urinoir waar je tegen een granieten aanrecht uit de jaren ’50 kon plassen. En dan geheel onverwacht was daar – bij wijze van spreken mijn bijvangst – op de Avenue Foch het Narrow house van Erwin Wurm. Een kunstenaar naar mijn hart.

Humor

narrow houseDe Oostenrijkse kunstenaar Erwin Wurm bekritiseert onze consumptie-maatschappij, maar altijd vol humor. In zijn werk speelt hij met elementen uit het dagelijkse leven. Lichamen, huizen, auto’s, zaken die er bekend uit zien, vervormt hij tot absurde proporsies. Zo gaan Wurms fat houses en zijn fat cars over huizen en auto’s als statussymbool, tegelijkertijd verwijst hij naar de Westerse gezondheidsbedreiging obesitas.

Claustrofobisch

Met de installatie Narrow house zet Wurm zijn kleinburgerlijke jeugd te kijk. Het kunstwerk is een kopie van het huis waarin hij met zijn ouders in de jaren ’60 woonde, alleen dan extreem smal. Het is 16 meter lang, 7 meter hoog en 138 centimeter ‘breed’. Niet alleen het huis zelf, maar ook alles wat erin staat is gekrompen. Wurm maakte het huis zo smal om de benauwdheid van zijn opvoeding en het naoorlogse Oostenrijk waarin hij opgroeide, voelbaar te maken. Zijn moeder was altijd thuis, zijn vader was politieagent en het niet eens met de keuze van zijn zoon voor de kunstacademie. Als je als bezoeker erdoorheen loopt, voel je de claustrofobie die de jonge Wurm dagelijks moet hebben ervaren.

narrow badkamerConfrontatie

Na al dat eten en drinken van de afgelopen weken is een bezoek aan het anderhalve meter brede huis vast een confrontatie. Maar wie niet dik is, past erin en kan de woonkamer, badkamer, wc, keuken en slaapkamer bekijken. Al gaat toiletgebruik het hier echt niet worden.

Laatste trend: de wc als prettige verblijfsruimte

WC-huisje ZwedenIk weet niet meer waar ik het gelezen heb, maar het blijft me bezighouden. De toiletruimte krijgt steeds meer het karakter van een ‘verblijfruimte’, luidt de nieuwste trend in wc-land.

Ik kan me er alles bij voorstellen. In deze sombere tijden waarin de wereld  om ons heen steeds meer verhard, wil je juist op de wc je behaaglijk voelen. Ik zie onmiddellijk een warme comfortabele kamer voor me, met kunst of andersoortige visuele genoegens. Bijvoorbeeld dit Zweedse exemplaar op de foto. Het is daar gezellig verblijven. Bijna lijkt het een klein huisje met een halve deur. Je kunt er rustig zitten met een mooi bosrijk uitzicht, en af en toe komt er ook nog eens een prettig briesje voorbij.

Verblijfsruimte

In Frankrijk bezocht ik ooit een wc met hoogpolig bordeaux rood tapijt en behang met Franse lelies erop. Het was er beslist knus. Maar de wc had toch meer weg van een kast, dan van een ‘verblijfsruimte’. En in de Portugese Douro trof ik op een wijngoed een toilet aan tussen wijnkistjes, die functioneerden als bijzettafeltjes. Het ontbrak nog aan een glas en kurkentrekker, hoewel de ruimte ook net niet gezellig genoeg was om er te verblijven en wijn te drinken. 

Wc in de Duoro

Bouwbesluit

Op mijn zoektocht naar wat een ‘verblijfsruimte’ inhoudt, kwam ik de term tegen in het Bouwbesluit. Ik citeer artikel 4.26  ‘(…) het is een ruimte voor het verblijven van personen of waarin de voor een gebruiksfunctie kenmerkende activiteiten plaatsvinden. Bijvoorbeeld een woonkamer, slaapkamer, keuken, kantoor, hobbyruimte.’ Een toiletruimte wordt niet genoemd. Dus hoe zit dat dan met die trend richting verblijfsruimte?

Zitgelegenheid

Ik vervolg mijn speurtocht en ontdek dat zo’n verblijfsruimte ook nog eens moet voldoen aan eisen voor daglichttoetreding en luchtverversing, en ‘afmetingen die voor de gebruiksfunctie kenmerkend zijn’. Voor een verblijfsruimte met de gebruiksfunctie ‘wonen’ geldt dat er ruimte moet zijn voor een minimale zitgelegenheid met afmetingen voor een potentiële bezettingsgraad van ten minste twee personen.

Duo

Terug naar de nieuwste trend: de wc als verblijfsruimte. Eigenlijk doet het sterk denken aan een ruimte met een ‘woonfunctie’. Dat zou dan volgens het Bouwbesluit betekenen dat er minimaal een zitgelegenheid moet zijn voor twee personen. Jawel, hou je vast. Daar hebben we hem weer: het duo-toilet. Ik voel het gewoon. Omringd door een harde wereld, moeten we het wel een beetje gezellig maken met elkaar. Wis en waarachtig. Ik weet het zeker: de nieuwste wc-trend wordt de duo-wc!

Zie voor het duo-toilet ook mijn blogs ‘Gezellig op de wc van de baas’ en  Zwart en wit broederlijk naast elkaar.

Rolmodel voor toiletzoekers

Gents and Ladies

Precies een jaar geleden: ik was haar eerder tegengekomen die dag. Samen met haar vriendin maakte ze een ritje met de brandnieuwe metrolijn van Zuid naar Amsterdam-Noord. Twee dames op leeftijd, goed gesoigneerd, misschien iets te blond en iets te bruin. Vast uit Zuid of uit Bussum, een dagje uit. ‘Goed idee van je’, zei ze tegen haar vriendin, ‘anders hadden we toch maar de hele dag op onze cavia gezeten.’

En nu zag ik haar hier weer. Zelfverzekerd stevende ze door de lobby van hotel Arena op de damestoilet af. ‘Kan ik u helpen?’, vroeg de hotelmanager. Kennelijk gaf ze toch even de indruk het niet helemaal te weten. Ze herpakte zich snel. ‘Ik wacht op mijn echtgenoot. Zijn vliegtuig is inmiddels geland, hoor ik net. Een vreselijke vertraging. En wilt u mij nu verontschuldigen’.

Ze kwam er mee weg. De hotelmanager wenste haar een fijne dag, en keek haar na.  Met de rug nog rechter en nog zelfverzekerder vervolgde ze kordaat haar route richting de ‘dames’. Een topprestatie, groots en voorbeeldig. Een rolmodel voor iedereen die ver van thuis ‘nodig’ moet. Behalve dan dat zitten op die cavia. Dat beeld kreeg ik niet meer uit mijn hoofd. Daar kwam ze niet mee weg. 

Plassen met tegenwind

Boog Max Euweplein

 

Ik rij er zo vaak langs en het staat er maar mooi: Homo sapiens non urinat in ventum – een wijs mens urineert niet tegen de wind in. Het is potjeslatijn daarboven op de poort aan de Weteringschans. Het Latijn kent namelijk geen werkwoord urinare.

Zoete wraak

Architect Kees Spanjers ondervond vooral tegenwind bij zijn plannen voor het Max Euweplein. De bouwtijd, amendementen, inspraak en de gemeentelijke bureaucratie, alles bij elkaar nam het acht jaar in beslag. Spanjers moest zoveel aanpassen aan zijn ontwerp dat hij wel ‘zoete wraak’ moest nemen. Toen alle bezwaren waren afgehandeld en de bouw begon, vroeg niemand zich af wat er op de colonnade stond. De entree werd precies gebouwd zoals op de tekeningen stond, inclusief de woorden: Homo sapiens non urinat in ventum.

Natte schoenen

Natuurlijk piest een slim iemand niet tegen de wind in. Je wilt geen natte schoenen. Maar soms moet je zo nodig dat je weer en wind weerstaat. Over tegenwind gesproken en Hollandse stoerheid, altijd als ik daar langs fiets denk ik aan wildplaster Geerte Piening. Een steegje verder, aan de andere kant van de Balie, werd zij in hoge nood betrapt en bekeurd. De rest is geschiedenis. Of misschien toch nog niet helemaal.

Gastvrij, toegankelijk en schoner

Geerte schreef al weer enige tijd geleden een open brief in Het Parool aan burgemeester Halsema waarin ze haar vroeg geld uit te trekken voor meer openbare toiletunits én horeca en winkeliers op te roepen hun toilet – tegen een kleine vergoeding van de gemeente – voor iedereen open te stellen. Daarmee wordt Amsterdam een stuk gastvrijer, toegankelijker en schoner, schrijft ze. Een wijs mens die Geerte. Als je tegen de wind in plast, moet je wel weten uit welke hoek die wind komt.

En graag voeg ik  hier nog een persoonlijke oproep aan toe. Burgemeester Halsema, alsjeblieft geen scenario’s dit keer. Gewoon doen!