To the Loo

Wc met behangLondon, 5 mei – Bezoek aan Spencer House, het stadspaleis aan St James’s Place, gebouwd door een voorvader van prinses Diana. Ik vroeg als eerste aan de suppoost: ‘Where can I find the restroom’. Hij antwoordde dat er geen ’restroom’ was. Vervolgens vroeg ik hem naar de ‘bathroom’. Die was er wel, maar een verdieping hoger. Mocht ik op zoek zijn naar het ‘toilet’ die was downstairs. ‘But you can’t rest over there’, voegde hij er aan toe met uitgestreken gezicht.

Uiteindelijk belandde ik op een toilet met behang. Moe van al het lopen door Londen, toch even uitgerust. Ik hoopte op een ‘cup of tea’ en zocht naar het belkoord om de bestelling door te geven. Helaas, dat zat er niet in.

By the way, in Londen ontdekte ik een Drukknop achter brileenvoudige oplossing voor de ‘bril-omhoog’-kwestie. Op verschillende plekken vond ik de doorspoelknop verstopt achter de bril. Je kunt pas doortrekken als je de bril naar beneden klapt. Brits wcBijkomend voordeel is dat de wc-bril omlaag achtergelaten wordt. Kortom, een dwingende, maar doeltreffende oplossing voor iedereen die niet geconfronteerd wil worden met een omhoogstaande bril.

De volgende keer meer over Londen en over twee verwante zielen: Marcel Duchamp en Yoko Ono. 

——————————————

Samen gezellig op de pot

Tuinstoel met wc’s

De Romeinen wisten het al. Samen op de pot is gezelliger. Dit stemmige tuinsetje vond ik in mijn archief. Geen idee waar de foto vandaan komt.

Waar is die voortuin? Vast niet in België. Want de voortuinen daar zijn meestal stenig of met kiezel. Bovendien ontbreken de rolluiken voor de ramen. Het huis op de achtergrond lijkt Oost-Duits door de typische gevel van roze-bruin onder en boven pleisterwerk met structuur. Spachtelputz noemen de Duitsers dat.

Misschien komt het ook door‎ de hoge ramen. Je kunt wel naar buiten kijken, maar niet andersom. Zou het een Nederlands huis zijn geweest, dan was de vensterbank op kniehoogte of lager. Want wij Nederlanders dragen openheid hoog in het vaandel en hebben zogenaamd niets te verbergen. Althans, dat willen we de buitenwacht graag doen geloven.

In het geval van deze zes wc-potten in een voortuin lijkt openheid geen probleem. Hoewel je als kijker twijfelt over het gebruik en de bedoeling. Is het een grap of om te huilen? Hebben we te maken met een variatie op de tuinkabouter of komt er zometeen een performance van Marina Abramović met blote mensen? Of is het een proefopstelling voor een toiletexperience op Lowlands? Of toch ’gewoon’ een tuinameublement met zes robuuste zitelementen rond een wankele plastic tafel?

Zo te zien is het nog vroeg in het voorjaar. Een zonnetje en vrolijke Oostenrijkse hanggeraniums ontbreken nog. Samen met ons staat het tuinameublement in de wachtstand op wat komen gaat.

———————————

Een bloemetje in de shit

Bloemen in de pot

De lente komt je tegemoet op deze foto. Ik weet niet hoe het met u zit? Ik word er vrolijk van. De foto is van Marthe van de Grift illustreert een Volkskrant-artikel over hoe menselijke ontlasting bij kan dragen aan duurzame landbouw. Onze ontlasting bevat namelijk veel waardevolle voedingsstoffen, die nu verloren gaan in het riool. Hergebruik van menselijke mest maakt de landbouw duurzamer, want er is minder kunstmest nodig. Kortom, met plas en poep is nog een hele wereld te winnen.

Het artikel legt uit hoe je dat doet. Wel met een flinke disclaimer: want de voorgestelde  oplossingen veroorzaken namelijk veel stank. En als je driehoog achter woont is dat niet echt een optie. Zelfs op één hoog achter niet, kan ik u vertellen. Zo lang we opgroeien met het gemak van een doorspoel-wc heeft het recyclen van organisch materiaal nog een hele lange weg te gaan, concludeert het artikel.

Eigenlijk zit er in Nederland maar een ding op.  Alle hoop is op de boeren en het platteland. Boeren help ons! Haal die omgekeerde vlag naar binnen. Rij met je  tractor je eigen poep over je akker. Help je buren. Grijp de kans om bij te dragen aan de samenleving. Experimenteer erop los. Doe iets moois met je stront.

Onderwijl volg ik hier in de stad het advies op van mijn bloemenverkoopster. Ze geeft me altijd de tip mee de bloemen in papier nog een half uurtje te laten wennen aan de temperatuur in huis door ze in de wc-pot te zetten. Dan is die doorspoel-wc wel weer handig. Niet duurzaam, maar zo is het toch even voorjaar op mijn wc.

Boeket in de pot

Perfecte publieke toiletten in Tokio

Transparante wc Tokyo

Perfect Days, een film van Wim Wenders, is een ontroerende mijmering over alledaagse schoonheid om ons heen, gezien door de ogen van een schoonmaker van openbare toiletten in Tokio.

‘Spiritueel toiletten boenen met Wim Wenders in Tokio’, kopte de recensie in de NRC. Hoewel ik in deze donkere dagen vooral behoefte heb aan wegdromen bij warme romantiek, moest ik als toiletblogger deze film natuurlijk toch gaan zien.

Dus op zaterdagmiddag naar de bioscoop getogen. En eerlijk is eerlijk: Perfect Days is een prachtige poëtische film over leven in het hier en nu. Wenders’ portret van de schoonmaker in Tokio overtuigt. Ook al had de film net zo goed over onderhoud van plantsoenen kunnen gaan in plaats van het boenen van toiletten.

De hoofdpersoon Hirayama is volkomen tevreden en oprecht gelukkig met zijn werk. Zijn dagelijkse routine is geen sleur, maar brengt hem juist vreugde. Met plezier en volledige toewijding zorgt hij voor schone publieke plees in Tokio.

Naast zijn gestructureerde routine geniet Hirayama van muziek, boeken en de bomen die hij fotografeert. Hij rijdt door Tokio in zijn minivan, volgestopt met zijn schoonmaakspullen, terwijl Lou Reed, The Rolling Stones of Patti Smith uit de cassettespeler klinken.

Even dreigt zijn ritme verstoord te worden als zijn collega hem in de steek laat en zijn van huis weggelopen nichtje plots op de stoep staat. Het lost zich weer op. Hij helpt haar en geeft tussendoor nog even zijn wijsheden mee: ´De volgende keer is de volgende keer. En nu is nu’.

Naast alledaagse beelden van Tokio biedt Perfect Days een scala aan prachtig vormgegeven openbare toiletten. Neem bijvoorbeeld het fameuze transparante toiletgebouw dat bij gebruik verduistert. Stuk voor stuk architectonische pareltjes, goed onderhouden en iedere dag schoongemaakt.

Hier mag een stad als Amsterdam een voorbeeld aan nemen. Burgemeester Halsema, Perfect Days is beslist een must. En neem je ambtenaren asjeblieft mee naar deze film!

———————————————————

 

Mijn top 5 meest bijzondere wc’s van 2023

Expo Cube

Graag deel ik met u wederom mijn persoonlijk jaaroverzicht in de vorm van deze top 5. Maar eerst het brede wc-nieuws van 2023.

Jaarlijks brengt de HogeNood-app samen met de Maag Lever Darm Stichting in kaart hoeveel geregistreerde toiletten een gemeente telt. Goed nieuws is dat het aantal openbare toiletten in Nederland is toegenomen met bijna tweeduizend. Om precies te zijn van 6.600 naar 8.300. Ook is er minder ‘sanitair seksisme’; er zijn meer wc’s voor vrouwen. Het droeve nieuws is wel dat er nog altijd gemiddeld één toilet moet worden gedeeld met 2.200 andere mensen.

Als meest toiletvriendelijke gemeente staat West Maas en Waal op de eerste plaats, gevolgd door Amersfoort. Ook nog even ingezoomd op Amsterdam. Onze hoofdstad staat op plek 8. In september 2021 liet de gemeente weten dat ze vier miljoen uittrekt voor meer vaste openbare toiletten. Afgelopen maart bleek dat het langer ging duren. Streven is nu dat in zomer 2024 de nieuwe toiletten er zijn. We gaan het zien.

Na dit harde nieuws, dan nu mijn persoonlijke en soms opmerkelijke vondsten van 2023 op het wc-front.

Mijn Top 5

Nummer 1. In je eigen bubbel-wc

Wc met uitzichtOm meteen maar met de deur in huis te vallen. Nu het politieke klimaat opeens zo guur uitpakt, is het fijn om je af en toe terug te trekken op het toilet, in je eigen universum en je veilig te wanen in de eigen bubbel.

Over bubbels gesproken: het wc-bezoek van de Hongaarse president Orban leverde een doorbraak op. Hij verliet op het juiste moment de zaal waardoor de rest van de Europese regeringsleiders unaniem voor de toetredingsonderhandelingen met Oekraïne konden stemmen. Je zou willen dat meer mensen vaker op de juiste momenten het toilet bezoeken en zich terugtrekken in hun bubbel om zich te bezinnen.


Nummer 2. Wc als kunst 

Deze ‘Maria Roosen’ is een fraaie aanvulling op mijn verzameling. In de traditie van Marcel Duchamp die een pispot tot kunst verhief, doet Roosen er nog een paar scheppen bovenop. Haar rijkelijk beschilderde wc is een kunstwerk en nog te gebruiken ook.

Het doet denken aan het 8-karaats wc van de kunstenaar Maurizio Cattelan. De gouden pot werd in 2019 gestolen uit Blenheim Palace. Inmiddels zijn de daders gevonden, helaas de pot niet.

Nummer 3. Vliegen op de wc

Vliegtuig wc

Ik weet niet hoe het met u zit, maar ik lijd aan vliegschaamte. Vooral als ik gebruik maak van zo’n idioot goedkope vlucht waarbij alle voorzieningen zijn uitgekleed. Opgepropt en zonder goede koffie denk ik dan: dit doe ik nooit meer. Dit is voor niemand goed.

In de luchtbus op de foto hoef je helemaal niet meer van je plek. Dat is dan weer fijn. Want geef toe, hoe weinig comfortabel is die vliegtuig-wc. Hopelijk zit je naast prettige buren. En doortrekken is misschien nog een dingetje.

Nummer 4. Poepen in een Louis Vuittontas

Vuitton toiletDe ‘Loo-uis Vuitton Toilet’ heet deze wc. Ilma Gore, een kunstenares uit Los Angeles verknipte 24 tassen en koffers van Louis Vuitton met een totale waarde van 13.000 euro. Vervolgens maakte ze er een toilet van die nu te koop staat voor 85.000 euro. ´Het gevoel om een handtas van 2.000 dollar te verknippen is onbeschrijfelijk´, vertelt Gore.

Het moet niet gekker worden. Te bedenken dat heel veel mensen nog steeds geen wc hebben. Wat leven we toch in een oneerlijke wereld.

Nummer 5. Pisbak met boodschap

Gay Marriage - Elmgreen & Dragset

Deze installatie Gay Marriage is van het kunstenaarsduo Elmgreen & Dragset. De twee verstrengelde urinoirs herinneren er ons aan, volgens de makers, dat wereldwijd het homohuwelijk nog steeds niet vanzelfsprekend is.

De kunstenaars dagen hun publiek uit na te denken over vertrouwde dingen waar we normaal niet veel aandacht aan besteden. Hoe actueel nu verworvenheden en rechten opeens niet meer zeker blijken te zijn. Kijk naar Poetin die de internationale lhbtiq-beweging als extremistisch bestempelt en de repressie opvoert tegen de Russische lhbtiq´ers.

Ik weet niet hoe u erbij zit, maar ik haal mijn ‘Flikker je vrij’-button toch weer uit de kast. In ieder geval wens ik iedereen een gelukkig nieuwjaar in vrijheid. En laten we blijven strijden voor een veilige en inclusieve samenleving.

Misschien biedt deze blog nog gesprekstof tijdens de kerstdis. Ik hoop het. En om in de sfeer te komen lees ook mijn blog over Love Actually en natuurlijk: ´Wc-etiquette rond het kerstdiner. Hoe hoort het eigenlijk?´.

Fijne feestdagen!

Op een mooie pot

Dit is een Maria Roosen. Bij toeval kwam ik de pot tegen bij de Amsterdamse galerie Fons Welters. Of misschien is toeval niet het juiste woord. Ik moest nodig en gelukkig was er een wc. Meneer Fons zelf wees me de weg. Later vertelde hij dat ik op een heuse Maria Roosen had gezeten. Hij was enigszins verbaasd dat ik haar nu pas zag. Alsof ik iedere keer dat ik daar ben naar de wc moet. Maar goed, u begrijpt, vanaf nu dus wel.

Roze penissen

Het zijn vaak dagelijkse voorwerpen die Maria Roosen in haar werk verkent. Haar vormen zijn herkenbaar en voelen vertrouwd. Neem de glazen borsten, gebreide schapenwollen zonnebloemen, lullen aan een touwtje en de reuzepantoffels. Of het poppenhuis bewoond met roze penissen, de oneindig lange glazen rozenkrans om de nek van een heiligenbeeld en deze beschilderde toiletpot. Allemaal voorwerpen die gedachten losmaken over groei, vruchtbaarheid, liefde, dood en – om Gerard Reve er nog even bij te halen – eenzaamheid.

Schurend en zwierend

Het universum van Maria Roosen is rijk, zowel qua onderwerp, materiaal, formaat als kleur. En niet op de laatste plaats omdat ze zoveel verschillende technieken gebruikt: van glasblazen, breien, borduren, keramiek tot tekenen. Dat maakt dat haar verbeelding vormen aanneemt die soms wulps zijn, soms zacht of brutaal, en vaak schurend en zwierend.

Besjes en bramen

De pot van Roosen vraagt om nader onderzoek. Je moet er met je neus boven gaan hangen en dan komt een hele fruit- en groentekraam je tegemoet. Uien, worteltjes, asperges, tomaten, besjes, bramen. Dat alles tegen de achtergrond van een jachttafereel met ruiters, hazewindhonden en zelfs een hert.

1+1=3

Overigens is Roosen nu te zien in Kasteel het Nijenhuis in Heino. In de expositie ‘Roosen & Guests’ heeft ze dertien kunstenaars uitgenodigd om samen met haar de ruimtes en omgeving van het kasteel met nieuwe perspectieven te vullen. Zelfs omschrijft ze het als de 1+1=3 formule – samen wordt het altijd beter.

Stukken draaglijker

Haar hele carrière werkt ze al met anderen samen om haar objecten van glas, textiel of hout te realiseren. Dat is ook het uitgangspunt voor deze tentoonstelling; nieuwe verbindingen worden gelegd en zo ontstaan mooie botsingen tussen het werk van Roosen zelf, dat van haar gasten en de historische omgeving van het kasteel. Samen maken ze het leven stukken aangenamer, plezieriger en draaglijker.

Alles heeft z’n schoonheid, zelfs de wc

Spuug lelijke wcProtserig, patserig, poenig, Palazzo Protzi: allemaal kwalificaties die in mijn hoofd voorbij kwamen. ‘s Nachts toen het slapen niet lukte door de oorlog in Gaza en andere ellende in de wereld, en de beren op de weg groter, groter en meer werden, kroop ik om de gedachten te verzetten achter de iPad op Funda en ontdekte ik dit ‘plaatje’.

Deze wc tart – laat ik het bij mezelf houden – flink de goede smaak. Het is eenvoudig te veel. Te veel patronen, stijlen, materialen, kleuren, decoraties. Maximalisatie heet deze interieurstijl, las ik onlangs. Niks less is more, niks ingetogen en duurzame chique – ofwel quiet luxury – integendeel: vet er overheen. Hier heerst het credo more is more en less is bore van stijlicoon Iris Apfel.

Kijken op Funda is een vorm van gluren bij de buren. Vaak doet vermoeden dat de woning er op de foto’s mooier uitziet dan in werkelijkheid. Alles altijd in goed daglicht gezet, mooi uitgelicht, onwelgevalligheden weggepoetst. De kunst is om door en langs de beelden heen te kijken. De wc-ruimte is vaak op de foto’s weggelaten, want die voegt niet veel toe. Of de pot komt en passant in beeld als onderdeel van de badkamer.

In dit geval denken de verkopers daar anders over. Waarschijnlijk vinden ze het een hele mooie die veel toevoegt aan de kwaliteit van het huis, dus de marktwaarde ervan. Is die kraan echt goud? Tja, wat heet goede smaak? Moe geworden van de plaatjes, de beren even verdreven, wankel ik richting bed. In gedachten hoor ik Confucius: ‘Alles heeft z’n schoonheid, alleen ziet niet iedereen dat altijd.’

Miss Manners en tegeltjeswijsheid

Goede tegeltjeswijsheden zijn kort en bondig, bekken lekker en rijmen om te beklijven. Op de volkstuin van vriendin F. hangt op de gemeenschappelijke wc de spreuk: ‘Heren doe de bril omlaag, dat hebben dames ook graag.’ Gewend aan ‘Heren doe de bril omhoog, dames zitten ook graag droog’, bracht deze tegelwijsheid me van de wijs. 

Toch nog even ingezoomd op de twee wijsheden. Beide spreken de man toe. De een met de vraag om niet te plassen met de bril naar beneden. In de andere wijsheid wordt aan mannen gevraagd na het plassen de wc-bril omlaag te doen. Omhoog, omlaag. Maak me gek! De vertwijfeling van mannen wordt er niet minder om.

Vuile borden
De kwestie omhoog of omlaag kwam ook voorbij in de rubriek van de ons ontvallen Nederlandse Miss Manners, Beatrijs Ritsema. In Trouw beantwoordde ze lezersvragen over hoe het hoort of juist niet. Zo vroeg een lezer haar wat te doen met zijn vrouw die de katten vuile borden en pannen laat aflikken om heet water voor de afwas te besparen. Ze kreeg vragen over het nut van tafelmanieren, over oma die een zoen wil en een briefschrijver die meer seks wil. Iemand vroeg haar wat hij moet doen, omdat hij is gaan zitten op de cavia van vrienden waarbij het diertje op slag dood was. 

Smetteloos
Ritsema was niet van het eindeloos uitdiepen van het gevoelsleven. Haar adviezen waren praktisch, onorthodox,  humoristisch en sloten aan bij de Hollandse nuchterheid. Ook haar opstelling in de ‘omhoog of omlaag’-discussie getuigt daarvan: ‘Persoonlijk sta ik aan de rekkelijke kant in de eeuwigdurende strijd tussen degenen die vinden dat de wc-bril neergehaald dient te worden en degenen die daarvoor geen noodzaak zien. Belangrijk is dat iedereen de wc na gebruik smetteloos achterlaat voor de volgende bezoeker. Wanneer gebruikers zich hier consciëntieus aan houden, degradeert de stand van de bril tot detail.’, aldus Ritsema. 

Zegeningen
Naast dit verstandige advies raadde ze mannen aan – om van het gezeur af te zijn –  gewoon hun vrouw haar zin te geven en het gedrag ‘bril omlaag klappen’ te automatiseren. Om haar woorden kracht bij te zetten, wees Ritsema erop dat het altijd nog erger kan. ‘Reken intussen tot uw zegeningen’, vervolgde zij, ‘dat uw vrouw tenminste niet zo ver gaat dat zij de mannen in haar omgeving dwingt om zittend te plassen. Dat gebeurt ook steeds vaker.’

Tegeltjeswijsheden 
Ook al ging ze misschien iets te veel uit van traditionele man-vrouw-verhoudingen en liet ze de gender-discussie aan zich voorbij gaan, de nuchterheid van de Nederlandse Miss Manners werkte verfrissend.

Natuurlijk kan niemand de grote schoenen van Beatrice Ritsema vullen. Bovendien zou ze haar neus opgehaald hebben voor tegeltjeswijsheden, toch gooi ik er een in: ‘Heeft u een spleet, piemel, geen van beide, slechte benen of één oog? Plas in ieder geval nooit in een boog en hou het droog.’

 

Griekse reis langs wc-bordjes, plus een levensles

Mannetje-vrouwtje wc-aanduiding

Op mijn reis langs Griekse eilanden trof ik deze bordjes aan op Ithaka, het thuiseiland van Odysseus. De dame in mantelpak doet denken aan zwart-wit foto’s van mijn moeder uit de jaren zestig. In Nederland zie je de wc-wegwijsbordjes met beelden van mannetjes en vrouwtjes nog maar sporadisch. Maar in Griekenland heb ik er al heel wat gevonden: van Marlene Dietrich, zeemeerminnen tot Beatrix en de rokende maffiabaas.

Voor wie het Grieks niet machtig is – en dat geldt vast voor menig toerist – zijn de bordjes met mannetjes en vrouwtjes een uitkomst. Want zie het Griekse tekstbordje hieronder.

WC op z´n GrieksOverigens blijkt een combinatie van tekst en beeld nog altijd het meest effectieve wegwijsbordje te zijn. Een plaatje en een praatje dus – zelfs als het ouderwetse stereotype man-vrouwbeelden zijn.

Odysseus en levensles
Met of zonder wc-wegwijsbordjes – spreekt Ithaka tot de verbeelding. Niet op de laatste plaats om koning Odysseus die vocht in de Trojaanse oorlog en per ongeluk een zoon van Poseidon het oog uitstak. Dat kwam hem duur te staan; de hele terugreis naar Ithaka werd hij geplaagd door de god van de zeeën. Het zou uiteindelijk 20 jaar duren voordat hij zijn vrouw Penopele weer in de armen kon sluiten.

De avonturen van Odysseus inspireerde Konstantínos Kaváfis tot een gedicht met een levensles. In het gedicht Ithaka doet hij een hartstochtelijke aansporing om te zoeken naar de écht belangrijke dingen in het leven en vooral te genieten van de reis. Want het leven is een reis en gaat niet om de eindbestemming.

Herinneringen
Reizen langs Griekse eilanden betekent komen, gaan en afscheidnemen. Als de boot uit de haven van Ithaka vertrekt klinkt uit de telefoon van mijn Duitse buurman: ‘Every time we say goodbye I die a little’. Zo voelt het wel. Ik troost me met herinneringen en foto’s van wc-bordjes.

Inmiddels weer thuis, duik ik mijn archief in op zoek naar nog meer mannetjes en vrouwtjes. Ik heb er verschillende gevonden. Van alle bordjes weet ik nog waar ik ze tegenkwam. Ik neem u hieronder mee.

De art-deco figuurtjes  – vanwege de bolhoed denkt u vast aan Engeland – spotte ik in hotel Amrâth Amsterdam, het vroegere Scheepvaarthuis. Brigitte Bardot in kokerrok en haar partner met pijp vond ik in een Italiaanse hosteria. Ze doen me denken aan mijn juf en meester van de basisschool. De mevrouw met paraplu en meneer in regenjas raadt u zeker, want meneer is net monsieur Hulot uit de Franse film Mon oncle van Jacques Tati.

U mag zelf raden waar de bordjes hieronder vandaan komen.

En voor de liefhebbers het gedicht Itakha van Kavafis uit 1911, vertaald door Hans Warren en Mario Molengraaf.

Ithaka

Als je de tocht aanvaardt naar Ithaka
wens dat de weg dan lang mag zijn,
vol avonturen, vol ervaringen.
De Kyklopen en de Laistrygonen,
de woedende Poseidon behoef je niet te vrezen,
hen zul je niet ontmoeten op je weg
wanneer je denken hoog blijft, en verfijnd
de emotie die je hart en lijf beroert.
De Kyklopen en de Laistrygonen,
de woedende Poseidon zul je niet treffen
wanneer je ze niet in eigen geest meedraagt,
wanneer je geest hun niet gestalte voor je geeft.

Wens dat de weg dan lang mag zijn.
Dat er veel zomermorgens zullen komen
waarop je, met grote vreugde en genot
zult binnenvaren in onbekende havens,
pleisteren in Phoenicische handelssteden
om daar aantrekkelijke dingen aan te schaffen
van parelmoer, koraal, barnsteen en ebbehout,
ook opwindende geurstoffen van alle soorten,
opwindende geurstoffen zoveel je krijgen kunt;
dat je talrijke steden in Egypte aan zult doen
om veel, heel veel te leren van de wijzen.

Houd Ithaka wel altijd in gedachten.
Daar aan te komen is je doel.
Maar overhaast je reis in geen geval.
’t Is beter dat die vele jaren duurt,
zodat je als oude man pas bij het eiland
het anker uitwerpt, rijk aan wat je onderweg verwierf,
zonder te hopen dat Ithaka je rijkdom schenken zal.
Ithaka gaf je de mooie reis.
Was het er niet, dan was je nooit vertrokken,
verder heeft het je niets te bieden meer.

En vind je het er wat pover, Ithaka bedroog je niet.
Zo wijs geworden, met zoveel ervaring, zul je al
begrepen hebben wat Ithaka’s beduiden.

Voor de liefhebbers onder de liefhebbers: zie hier zes verschillende vertalingen.

Uitzicht vanaf de berg

Poo with a view in Kefelonia

Het regent en stormt op het Griekse Kefalonia. Terwijl de klei tussen mijn handen een vaas vormt, vertelt Theodora, de docent van mijn workshop pottenbakken, hoe ik er moet komen. Ze moedigt me aan. Ze citeert nog net niet de stoïcijnse wijsgeer Epictetus. ‘Ga er voor’, zegt ze. ‘Aan regen en wind valt niet veel te veranderen. Maar wat je wél in de hand hebt, zijn je oordelen en je beslissingen. Kortom, dat wat zich in je eigen hoofd afspeelt. Al het andere kun je misschien beïnvloeden, maar heb je niet onder controle.’

Ik hoor haar aan en in gedachten beklim ik de berg. En hier zit ik dan: op de wc op de berg met een zelfgemaakte vaas in mijn handen. Het uitzicht is fenomenaal. Regen en wind kan niet voorkomen dat de zon ondergaat en straks weer opkomt. Wat is het mooi op die berg in mijn hoofd.

Ondergaande zon op Kefelonia

Andere kijk op het alledaagse

Gay Marriage - Elmgreen & Dragset

Twee Duchampiaanse urinoirs zijn met een roestvrijstalen buis verstrengeld in een soort omhelzing. De installatie Gay Marriage uit 2010 van het Scandinavisch kunstenaarsduo Elmgreen & Dragset verwijst naar een tijd waarin mannen die geïnteresseerd waren in andere mannen in het geheim contact zochten in openbare toiletten. Maar het is ook een commentaar op queer-relaties van vandaag. Volgens de makers herinnert het er ons aan dat wereldwijd het homohuwelijk niet vanzelfsprekend is. En ‘(…) geen enkel stel van hetzelfde geslacht ooit kan verwachten vrij te zijn van de druk van openbare discussies over de vraag of trouwen aanvaardbaar, problematisch, onnatuurlijk, natuurlijk of toelaatbaar is.’

De Deen Michael Elmgreen (1961) en de Noor Ingar Dragset (1968) – ooit ook een liefdeskoppel – maken al 25 jaar samen kunst. In hun werk dagen ze het publiek uit om na te denken over vertrouwde dingen en situaties die we als vanzelfsprekend beschouwen, maar waar we normaal niet veel aandacht aan besteden.

Prada Marfa - Emgreen & Dragset Het duo is onder meer bekend van hun Prada-winkel in de Texaanse woestijn (2005), het paviljoen met de dode Mr. B. in het zwembad op de Biënnale van Venetië (2009) en het monument in Berlin-Tiergarten voor onder het nationaalsocialisme vervolgde homoseksuelen (2008). Elmgreen & Dragset: 'the collectors'

In het begin van hun carrière maakten ze samen vooral performances; ze gaven optredens in openbare toiletten, presenteerden opera’s en organiseerden 100 dagen durende happenings in verlaten ruimtes. Later kwamen daar sculpturen en architecturale installaties bij. 

Elmgreen & Dragset spelen met vragen over identiteit en verbondenheid, zetten vertrouwde zaken op hun kop en dragen daarmee bij aan het maatschappelijk discours. Reacties uitlokken in plaats van ‘kunst maken’, is hun missie.

Homosexuals only - elmgreen & dragsetZo nodigt het parkbankje met de tekst ‘homosexuals only’ uit tot nadenken. Ook de in opdracht gemaakte mannelijke zeemeermin voor Elsinore in Denemarken, bracht heftige reacties teweeg. De figuur zou te verwijfd zijn en een belediging voor de metaalarbeiders die de locatie, een voormalige scheepswerf, gebruikten. ‘We kregen de meest
Elmgreen & Dragset : Han ongelooflijke brieven in de lokale kranten’, vertelt Dragset, ‘waarin stond: “Eerst kregen we dronken Zweden over ons heen, en nu worden we binnengevallen door homo’s!'”

Powerless Structures, Fig 101 - Elmgreen & DragsetOok het beeld van de jongen in lederhozen op het hobbelpaard, op de vierde pilaar op Trafalgar Square, nodigde uit tot reacties. Zelfs van de voormalige premier Boris Johnson. Hij vroeg de kunstenaars nadrukkelijk om het geen anti-oorlogsmonument te noemen. Waar het beeld Powerless Structures, Fig 101 eigenlijk over ging, was mannelijkheid en onschuld; tegengif voor de verzameling oorlogshelden op Trafalgar Square – door het kunstenaarsduo afgedaan als “knorrige oude mannen in zwarte gewaden”.

Elmgreen & Dragset, Dilemma, 2017Het bekijken van vertrouwde beelden in een nieuw licht is de sleutel tot veel werk van Elmgreen & Dragset. Op het eerste oog lijkt hun werk herkenbaar, een tweede blik maakt het vaak weer anders; verwachtingspatronen worden op een speelse manier doorbroken. Volgens de kunstenaars is dat nodig, want: ‘In deze tijd waarin er zoveel populistische politiek om ons heen is, moet kunst uit de ivoren toren en beter werk leveren. Niet hermetisch zijn en niet achter gesloten deuren’, aldus Elmgreen & Dragset.

Met dank aan vriend J. voor de foto ‘Gay Marriage’ en de inspiratie.

 

Royan en zijn ruw betonnen schoonheid

Royan Notre Dame
Fransen zijn – om maar eens wat te noemen – conservatief, van oh la la, chauvinistisch, arrogant, rigide als het gaat om restaurantopeningstijden, te vroeg gepensioneerd, maar wat betreft publieke toiletten zijn ze beslist bij de tijd. Daar kunnen we in Nederland nog een puntje aan zuigen. Ruim verspreid, op de juiste plekken – als je er één zoekt, is er ook één – en niet onbelangrijk: ze zijn schoon.

Public toilet notre dame RoyanZelfs naast de kerk in Royan is er een. Het Franse badplaatsje Royan ligt aan de monding van de Gironde. Het werd in de Tweede Wereldoorlog gebombardeerd en in de jaren vijftig herbouwd. Volgens de gids is er slechts één bouwwerk de moeite waard om te bekijken: de Notre Dame.

Béton brut

De kerk uit 1958, een hoogtepunt in het brutalisme, is inderdaad een must see. De term ‘brutalisme’ is Voorkant Notre Dame Royanafkomstig van het Franse béton brut, in het Nederlands ‘ruw beton’. Vooral in de jaren 50 tot en met de jaren 70 was de architectuurstroming in zwang. Want brutalistische vormgeving is uitgesproken, vaak bombastisch, soms intimiderend en daarom vaak ingezet voor grote openbare gebouwen: zoals rechtbanken, concertgebouwen, stadhuizen en kerken.

Entree Notre Dame Royan‘Wauw’ zegt de meneer naast me terwijl hij omhoog kijkt. ‘Wauw’ zegt de vrouw naast hem terwijl ze om haar heen kijkt. De architect Guillaume Gillet schiep met de nieuwste technieken van die tijd een betonnen wonder van ruim 35 meter hoog. En nog steeds roept het zowel buiten als binnen verbazing en bewondering op.

Met afmetingen van 45 meter lang en 22 meter breed kan de kerk in Royan plaats bieden aan 2.000 mensen. Vooral de hoogte oogt imposant en waarschijnlijk nog meer omdat het één grote ruimte is, zonder pilaren. Het dak, een ‘paardenzadel’, ondersteund door een vlechtwerk van staalkabels, is slechts 8 centimeter dik. Gedragen door vier muren, reikt het dakgewelf aan de uiteinden tot 36 meter en in het midden tot 28 meter hoog.

Hemel en aarde

Glas-in-loodarm Notre Dame RoyanHet schip van de kerk wordt omgeven door een galerij op drie meter boven de grond. Als in een concertzaal heb je goed uitzicht op het hoofdaltaar, dat verlicht wordt door een glas-in-loodraam in de vorm van een driehoek. Boven de hoofdingang torent het orgel. Het entree lijkt aan weerszijden geflankeerd door een betonnen gordijn. Het versterkt het gevoel een Interieur Notre Dame Royantheater in te stappen. Hier gaat het gebeuren. Ook wie niets heeft met religie; de ruimte, de sfeer – noem het schoonheid – geeft je het gevoel dat er meer is tussen hemel en aarde.

Royan ligt niet op de route. Je moet er op af. De kerk is beslist een reden voor een bezoek. En wees gerust: de gids heeft ongelijk, er is veel meer in en rond Royan. Het is een sympathiek badplaatsje, omringd door fraaie belle époque villa’s, mooie brede zandstranden en in ieder geval heeft het een publieke toilet naast de kerk.

De liefde van ver

Public toilet Blaye 5Blaye, mei 2023 – ‘Als de dagen lang zijn in mei, hou ik van het zoete gezang van de vogels van ver’, luidt de eerste regel uit een lied van Jaufré Rudel. De Franse troubadour uit de 12e eeuw schreef over onbereikbare liefdes. Hij zong vooral over de ‘liefde van ver’, de niet-wederkerige liefde die nooit tot stand komt en alleen op afstand bestaat. Een bron van geluk en verdriet tegelijkertijd. Jaufré Rudel, baron van Blaye, was vermoedelijk de eerste die dit thema in de poëzie introduceerde.

Tijdelijk woon ik boven het dorpsplein van Blaye. Vanaf het balkon kijk ik links op de Gironde en rechts op de citadel. De immense vesting is gebouwd op de plek waar ooit het 12de-eeuwse kasteel van Rudel stond. De citadel staat nu op de Werelderfgoedlijst.

Er gebeurt hier van alles. Het is een komen en gaan. Eigenlijk kijk ik uit op een half pleintje, met onder me het terras van de wijnwinkel annex café – waar ik een paar uur geleden een dozijn oesters met witte wijn heb weggespoeld. De rest van het plein is straat en parkeerplaats. Een paar keer per dag vertrekt het veer van Blaye naar de overkant, de Medoc. Met op de achtergrond de citadel en het water van de Gironde geeft de ondergaande zon een warme gloed aan de dag.

Blaye Public toilet 2Ooit reed hier een treintje met het veer als eindbestemming. In de jaren ‘80 werd het opgeheven. Het spoor ligt er nog, maar is begroeid met struiken. Het stationsgebouwtje fungeerde nog even als toeristisch informatiepunt en is nu een publiek toilet. Tijdens de pandemie was het gesloten, maar inmiddels functioneert het weer. Hoewel het wel wat onderhoud kan gebruiken. Aan de front van het gebouwtje hangt een foto van Serena Carone; twee gekostumeerde figuren met dierenhoofden. Het werk uit 2012 is inmiddels verkleurd tot een nostalgisch zwart-wit beeld. Maar het past bij de omgeving. Vreemd, mooi en tegelijk alweer vergane glorie.

Het lied van Jaufré Rudel over de ‘liefde van ver’ doet denken aan mijn moeizame verhouding met Frankrijk. Lange tijd had dat veel weg van een onbereikbare liefde. In Nederland op afstand kon ik er naar verlangen, tegelijkertijd was er de angst voor de werkelijke ontmoeting, en om teleurgesteld te worden. Dat is dit keer niet het geval. Alles klopt hier; van de ochtenduren tot aan het avondlicht en het publieke toilet.

Public toilet Blaye

 

Voorjaarsschoonmaak en azijnpissers

Roze wolk

Op zoek naar de diepere betekenis achter de grote voorjaarsschoonmaak las ik een artikel waarin allemaal redenen opgesomd werden waarom een opgeruimd huis ook een opgeruimde geest betekent. Dat ging van loslaten van oude gewoonten en patronen, vernieuwen van energie tot verbinden met de natuur en spirituele groei. En toen dook deze roze wolk plotseling op in beeld. Als toiletblogger ben ik wel wat gewend; mijn algoritmen zorgen regelmatig voor verrassingen. Maar toen deze roze poederdoos de huiskamer in knalde, was dat toch even schrikken. ‘Schoonheid is overal een welkome gast’, zei Goethe ooit, maar dit was wel heel veel roze blijmoedigheid.

In haar boek The Secret Lives of Colour legt Kassia St Clair uit dat roze voor meisjes en blauw voor jongens nog maar dateert sinds midden van de twintigste eeuw. Een paar generaties geleden was de situatie compleet andersom. Jongensbaby’s kregen toen roze en meisjesbaby’s blauw. De verklaring die St Clair hiervoor geeft is dat roze een meer uitgesproken en steviger kleur is, immers vervaagd rood. Rood is een masculiene kleur. Niet voor niets zijn vaak soldatenuniformen en kardinalenjurken rood. Terwijl blauw de tint is van de heilige maagd Maria en staat voor delicaat en zoet.

St Clair vertelt in het hoofdstuk ‘Roze’ meer wederwaardigheden. Zo werd in de jaren zeventig ontdekt dat een roze celmuur effect had op gevangenen. Uit onderzoek bleek dat de kleur tijdelijk vijandig, gewelddadig of agressief gedrag vermindert. Misschien dat ook verzorgers, bewakers hun krachten zagen verdwijnen. Want het idee werd nooit verder in praktijk gebracht. De kleur roze werd vernoemd naar Baker en Miller, de twee directeuren van de gevangenis waar het eerste experiment plaatsvond. Overigens lijkt Baker-Miller pink op oudroze.

De tint roze op de foto is misschien niet rustgevend, maar wel vrolijkmakend. En hoe je het ook wendt of keert het roze tegen de blauwe tegelachtergrond combineert mooi een meisjes- en jongenswereld. Overigens vermoed ik in deze compositie de invloed van een vrouwenhand. Misschien komt dat door de gehaakte wc-rolhouder op de voorgrond. Je ziet een Britse dame op leeftijd voor je, gezeten op haar roze wolk met een haakwerkje in haar handen. Een gezellig beeld. Wie daar iets tegenin kan brengen, is een azijnpisser of op zijn Frans een ‘pisse-vinaigre’.

Op de wc in het paradijs


‘Magisch’, dat woord zocht ik. Met de ellebogen geleund op mijn knieën  keek ik naar buiten. Ik had me nog zo voorgenomen om niet over wc’s in India te schrijven. Maar een toilet met dit uitzicht, is niet te weerstaan.

Hampi’s Boulders Resort ligt aan de oevers van de Tungabhadra-rivier, tegen een achtergrond van door water geërodeerde rotsblokken. De opeengestapelde ronde keien zien eruit als een door mensen gebouwd filmdecor. Maar daarvoor zijn de keien te groot. Het moet de hand van een godenzoon zijn geweest, die zijn doos met keien heeft omgegooid en vervolgens aan het stapelen is gegaan. 

BouldersHet keienlandschap spreekt tot de verbeelding. Zo herken ik de rug van een olifant, een schaap en een vrouw in een jurk. Even denk ik dat ik Kniertje-‘de vis wordt duur betaald’ zie. Vanmorgen zag ik een kikker, een schildpad en drie mussen op een rij. Als ik uit het raam kijk, ben ik vooral gefascineerd door die ene kleine kei bovenop de berg. Alsof de godenzoon om het af te maken een kers op de taart heeft geplaatst. Eigenlijk een raar ding, die neiging om alles terug te willen brengen naar herkenbare vormen. Misschien heeft het te maken met een behoefte om de wereld te duiden. 

De reden van mijn bezoek zijn de ruïnes in Hampi. De route leidt via een groene oase. De Tungabhadra-rivier slingert door de rijstvelden, langs bananenplantages en palmbomen. Verrijkt door katoenhandel en handel in specerijen was Hampi, hoofdstad van het voormalige keizerrijk Vijayanagara, één van de mooiste middeleeuwse steden in India. Fabelachtig rijke prinsen bouwden hier tempels en paleizen die al in de 14de eeuw bewondering oogsten. In 1565 werd de stad veroverd, geplunderd en daarna verlaten. Tegenwoordig staat Hampi op de UNESCO Werelderfgoedlijst.

De overblijfselen van de verdwenen stad uit de 14de eeuw bieden een duizelingwekkend venster op de rijkdom die het ooit moet hebben gehad. De fantasierijke gravures en gebeeldhouwde figuren in en op de tempelcomplexen nemen je mee in een nieuwe onbekende wereld. Figuren met apengezichten, met piemels in de vorm van een gesloten lotusbloem, dansende prinsessen met Madonna-bh’s, krijgers met zes armen en een staart trekken voorbij. Wijsheid begint met verwondering. Dus geef ik me over aan stripverhalen met pauwen, olifanten, leeuwen, paarden, boekrollen en mythische wezens. En alles heeft een sprookjesachtige schoonheid. 

Cottage Hampi’s Boulders ResortTerug in het resort is mijn hoofd nog een tombola aan beelden. Het gastenverblijf is harmonisch ‘ingepast’ in de omgeving, zoals mijn architecten-vrienden dat zouden noemen. Het resort prijst zichzelf aan als dé ideale plek voor wie van natuur houdt. Moe van het bezoek aan alle schoonheid die ik vandaag heb gezien, denk ik op de wc na over mijn verhouding met de natuur. Het rustgevende geluid van het stromend water van de rivier onder mijn raam nodigt uit voor een duik. De hotelmanager heeft me gesmeekt om dat niet te doen, vanwege krokodillen. Op het dak dansen drie apen. Dit is wildlife.

Eén met de natuur betekent ook zonder internet. Bij de receptie – de enige plek waar je online kunt – is het dringen. ‘Niet meer van deze tijd’ vindt de Britse kordate bejaarde toerist. ‘Zie het als een verplichte remote-stand’, zegt een gedecideerde, maar vriendelijke Indiase dame. Ik kan alleen maar denken aan de uitspraak van de dichter Willem Kloos: ‘De natuur is mooi, maar je moet er wel wat bij kunnen drinken’. En laat dat nu net een ding zijn. Alcohol wordt hier niet geschonken.

Geen internet betekent ook geen berichten en nieuws over de opkomst van een boer-burger-beweging, over stikstofreductie en de opwarming van de aarde. Even hoef ik niet na te denken hoe ik me hiertoe moet verhouden als vegetarische, witte wijn drinkende bakfiets-opa uit de grachtengordel.

Ik geef me over aan de natuur. Want de zonsondergang in Hampi heb ik nog gemist. Dat blijkt dé manier te zijn om hier een ​​dag af te sluiten. De kleuren door de zonsondergang geven de omgeving een nog mysterieuzere en adembenemendere gloed. Ik blijf nog even zitten in het paradijs.